MUSINGS OF AN “OLDER” MAN. Nr.18

Standard

Nr.17 ended with: But, Lord willing, there is lots more to come before that happens. Because there was something else I discovered, something quite serious………!”

I haven’t told you much yet about Bible College. Which word describes my life as a new Christian until now? Discovery! I discovered that God is really real, that He is to be trusted, that Christians can really laugh and that we have a joyful and singing faith. The same goes for Bible College. I discovered one thing after another, it was just great! But I was a young Christian and still quite playful. I have mentioned before that I didn’t like studying and now, after having been free on the farm, having to sit in class every day for a number of hours and then doing homework and studying some more, it was a bit too much for me. Thank God, there was a gym and every night there were students playing volley ball. Because I am quite tall, I loved that sport and so every night I was there. Nothing wrong with that except that we needed to do our homework first. Several students talked to me about that as did one or two teachers, but I couldn’t resist the urge to go and play in the evenings. Until one night the Lord stepped in, I believe. I was playing and jumped up to smash the ball over the net, when at the same time a student behind me jumped up and bumped into my back. I fell over and landed on my right shoulder on the floor. I felt a terrible pain and soon discovered that my shoulder was dislocated. One of the staff members and a student drove me the 60 plus km to the hospital in the city, an agonizing and painful drive. But the outcome was no more volleyball, but studying. And so I discovered something new again, the truth of the words of Hebrews 12:6, “Whom the Lord loves, He chastens.” What a lessen to learn! (Go to Musings)

OVERPEINZINGEN VAN EEN ”OUDERE” MAN. Nr.17

Standard

Nr.16 eindigde met: Maar er was nog een derde positief resultaat……!

Er was niet alleen het begin van brandalarmoefeningen, en de wondermooie geestelijke ervaring die ik had als het gevolg van het vernederen van mezelf, er was nog iets dat mij echt raakte, namelijk de reactie van het hoofd van de school. Toen hij het verhaal hoorde heeft hij zich bijna ziek gelachen. En waarom was dat zo speciaal? Omdat hij, die een zeer geestelijk en goddelijk man was, een echt gevoel voor humor had en dat was voor mij zeer indrukwekkend. Vergeet niet dat één van de dingen die mij tegenhield om mij aan God over te geven was het idee dat geloven ernst in hield en dat er niet gelachen mocht worden en men geen plezier kon hebben. Wat had ik het mis! Ik ontdekte dat christenen veel lachen. Het christelijke geloof is een vreugdevol geloof, het verleden is vergeven, het heden in Gods handen en de toekomst verzekerd, wauw! Ik geloof dat God humor heeft, als je me niet gelooft kijk maar eens in de spiegel! 🙂 De bijbel zegt zelfs: “Een vrolijk hart bevordert de genezing: Spr.17:22.

En ik ontdekte ook dat het christelijk geloof een zingend geloof is. Het evangelie van Gods genade doet ons: “Spreken onder elkander in psalmen, lofzangen en geestelijke liederen” Ef.5:19. Denk eens aan de duizenden liederen en andere muziek, waaronder de Messias van Handel, gemaakt zijn door christenen. Fanny Crosby, een blinde vrouw, heeft meer dan 8.000 liederen geschreven. Ik stond perplex toen ik dit allemaal ontdekte en realiseerde hoe rijk ik als christen ben, prijs de Heer!

Toen de bekende agnosticus Robert Ingersoll  stierf, stond er op het gedrukte begrafenis programma: “Er gaat niet gezongen worden.” Als je van plan bent om een begrafenis van een ongelovige, een agnosticus of een scepticus bij te wonen, verwacht geen liederen of lofzangen. Zonder God, zonder Christus, zonder verlossing en zonder hoop, hoe zouden ze kunnen zingen? Op mijn begrafenis gaat er wel gezongen worden, echte liederen van overwinning, prijs de Heer! Ik zie er al naar uit! 🙂 Maar, in de wil van de Heer, ga je eerst nog veel meer van mij horen, want er was nog iets dat ik ontdekte, iets tamelijk ernstigs……! (Ga naar Overpeinzingen)

MUSINGS OF AN “OLDER” MAN. Nr.17

Standard

Nr.16 ended with: “There was a third positive outcome….!”

Besides the starting of never before held fire drills, and the wonderful spiritual experience for myself as the result of humbling myself, there was something else that struck me, and that was the response of the principal of the school. When he heard the story he laughed himself almost sick. Why was that so special? Because here was a very spiritual and godly man with a real sense of humor and that really impressed me. Remember, one of the things that kept me from surrendering to God was the idea that believing meant no more laughing and having fun. How wrong. I discovered that Christians have lots to laugh about. Christianity is a joyful faith, the past is forgiven, the present in God’s hands, the future secure, wow! I believe that God has humor, if you don’t believe me just look in the mirror! 🙂 “A merry heart does good like medicine” the Bible says, Pr.17:22!

And I also discovered that the Christian faith is a singing faith. The Gospel of God’s grace leads us to brake out in “Psalms, hymns, and spiritual songs.” Think of the thousands of hymns, songs and other music, such as Handell’s Messiah, made by Christians. Fanny Crosby, a blind woman, wrote 8.000 hymns. I was amazed when I discovered all this and realized that as a Christian I was rich indeed, praise God!

When the noted agnostic Robert Ingersoll died, the printed funeral notices said, “There will be no singing.” If you plan to attend the funeral of an infidel, agnostic, or skeptic, do not look for hymns or spiritual songs. Without God, without Christ, without redemption, and without hope, what do they have to sing about? At my funeral there will be singing, victorious singing, praise God! I’m already looking forward to that! 🙂 But, Lord willing, there is lots more to come before that happens. Because there was something else I discovered, something quite serious………! (Go to Musings)

OVERPEINZINGEN VAN EEN ”OUDERE” MAN. Nr.16

Standard

Nr.15 eindigde met: Verschillende positieve dingen zijn uit dit geval gekomen, maar daarover later.”

Je vraagt je misschien af hoe er iets positiefs kon komen uit zoiets zots als een kalf in een meisjesgebouw plaatsen. En toch gebeurde dat. In de eerste plaats iets praktisch. Ook al had het College brandtrappen, brandblussers, enz., men had nog nooit een brandalarmoefening gehouden, hoe vreemd dat ook mag klinken. Maar nu, nadat een aantal van de meisjes die wakker geworden waren gedacht hadden dat iemands wekker afgelopen was, zag men de nood in van zulke oefeningen. Heel goed dus!!!

            In de tweede plaats iets persoonlijks. Ook al vonden de meeste studenten en stafleden dat dit een grap geweest was, toch waren er ook die er aanstoot aan genomen hadden. Dat deed mij besluiten om mijn verontschuldigingen aan te bieden aan het gehele College. En zo, de volgende dag na het middageten, wanneer er aankondigingen gedaan werden, vroeg ik of ik ook iets mocht zeggen. Ik stond op van de tafel en vertelde iedereen dat dit echt als een grap bedoeld was, maar dat ik gemerkt had dat sommigen hier aanstoot aan genomen hadden en dat ik daarom mijn verontschuldigingen aanbood. Je hebt gewoon geen idee hoe moeilijk dit voor mij was, om als jonge christen voor alle studenten en stafleden mijn excuses aan te bieden. Ik had niet veel van de maaltijd genoten, terwijl ik daar zat te wachten met klamme handen. Maar wat een geweldige zegen werd dit voor mijn geestelijk leven. De Bijbel zegt dat als we ons vernederen, de Heer ons tegemoet komt, en dat deed Hij zeker. Het was echt een vernederende ervaring en het vernietigde een deel van mijn oude ik in mij, met als gevolg dat er meer ruimte kwam voor de Heilige Geest. Dat betekent niet dat ik anderen aanmoedig om kalveren in meisjesgebouwen te plaatsen :-), maar ik moedig een ieder wel aan om zich voor de Heer te vernederen, en de Heer zal je tegemoet komen en zegenen. Maar er was nog een derde positief resultaat……! (Ga naar Overpeinzingen)

MUSINGS OF AN “OLDER” MAN. Nr.16

Standard

Nr.15 ended with: “Several positive things came out of this all, but that’s for next time.”

You may wonder how anything positive could come out of a crazy thing like putting a calf in the girls dorm. Well, the first is a very practical one. Even though the school had fire escapes, fire extinguishers and so on, it had never held a fire drill, strange as that may sound. But now, after some of the girls woke up from the fire alarm, thinking it was somebody’s alarm clock, it became clear that fire drills had to be held. Very good!!!

The second thing is personal. Although most of the students and staff thought this had been a good prank and laughed with it, I noticed that there were others who were offended and so I decided to apologize in front of the whole school. So the next day at noon after dinner when announcements were made, I got up and asked whether I could also make one. Permission was given and so I told everyone that this whole thing had been meant as a joke, but that I realized that some had been offended and that I was sorry for this. You have no idea how difficult this was, for me as a young Christian to get up in front of all students and staff members and apologize! I certainly did not enjoy my dinner that day as I sat there with clammy hands eating very little. But what a tremendous blessing that turned out to be in my spiritual life. The Bible says that if we humble ourselves, the Lord will meet us, and He sure did. It was a very humbling experience and it broke some of the old self in me, but that made room for more of the Holy Spirit. That doesn’t mean that I encourage others to put calves in dorms :-), but I do encourage every one to humble himself and the Lord will meet you in a new way. There was a third positive outcome….! (Go to Musings)

OVERPEINZINGEN VAN EEN ”OUDERE” MAN. Nr.15

Standard

Nr.14 eindigde met: Maar wat zij niet wist, en wat wij ook niet wisten, was dat het kalf ziek was en diarree had……….!” De leidster ging terug naar bed maar even later dacht ze dat het toch beter was om nog eens even te gaan kijken. Toen ze de deur van de inkomsthal opendeed, was de vloer vol met……, je weet wel wat en het stonk geweldig. Dus belde ze de leider van de jongensafdeling, Ron, die nu mijn schoonbroer is. Hij kleedde zich aan en ging eerst naar de wc, waar hij mijn vriend Martin tegenkwam, die natuurlijk hevig ontkende iets met de zaak te maken te hebben, maar die onmiddellijk zei, “Dat heeft Richard gedaan.” Hij kwam meteen naar onze kamer, maar wij deden alsof we sliepen, waarna hij weer weg ging. Martin en Ron gingen naar het meisjesgebouw en terwijl Martin het kalf terugbracht naar de schuur, moest Ron de boel opruimen. Het “mooie” van de zaak was dat mijn kamergenoot en ik alles konden zien vanuit onze slaapkamer en ons bijna ziek lachten! 🙂 Een paar dagen gingen voorbij zonder dat iemand wist wie dit gedaan had. Uiteindelijk besloten wij om zelf naar de directeur van het College te gaan om hem te zeggen dat wij de schuldigen waren, hopende op die manier een mindere straf te krijgen. Dus gingen we naar zijn huis en vertelden hem alles. Met een heel ernstig gezicht zei hij dat we even wachten moesten, en ging weg. Het duurde even voordat hij terugkwam en ik merkte dat zijn gezicht nogal rood was en ik vroeg me af of hij zich niet goed voelde. Hij zei dat we als straf voor een hele week de stallen moesten uitmesten. Dat was geen probleem, het was de moeite waard. Veel later toen de directeur en ik goede vrienden waren geworden, vertelde hij mij dat na ons verhaal hij naar zijn slaapkamer was gegaan, op zijn bed was gevallen en zich bijna had doodgelachen, daarom was zijn gezicht zo rood geweest. Tussen haakjes, dieren liefhebbers, het kalf was binnen enkele dagen genezen. Ik weet niet waar dat aan lag, aan de koude lucht of aan het plezier om eens in het meisjesgebouw te zijn geweest, een voorrecht dat een kalf niet alle dagen heeft! 🙂 Verschillende positieve dingen zijn uit dit geval gekomen, maar daarover later. (Ga naar Overpeinzingen)

MUSINGS OF AN “OLDER” MAN. Nr.15

Standard

Nr.14 ended with: “What she didn’t know, and what we didn’t know either was that the calf was sick and had diarrhea…………!”

The dean went back to bed, but after a while she felt she should check on the calf once more. When she opened the door of the entrance hall, the floor was covered with….., well you know what and it smelled terrible. She called the dean of men, Ron, now my brother in law, who after he got dressed went to the bathroom where he met my friend Martin. He of course, in the strongest terms denied having anything to do with this, but said, “That’s Richard’s doing”, and went up to our room. However, we did as though we were sleeping and fooled him. So Martin and Ron went to the girls dorm and while Martin took the calf back to the barn, Ron had to clean up the mess! The “wonderful” part was that my room mate and I were able to watch everything from our bedroom window and my, did we ever laugh! J A few days went by and no one had any idea who had done this, so finally we  decided to go to the principal and tell him that we were the guilty ones, hoping that this would lessen our punishment.

So we went to his house and told him everything. He told us to wait a bit and disappeared. It took some time before he returned and I noticed his face being quite red, I wondered whether he wasn’t feeling well. He told us we would have to clean the barn for a whole week as punishment. I didn’t mind that at all, it had been worth it. Much later after the principal and I had become good friends, he told me that when we had told him the whole thing, he went to his bedroom, fell on the bed and almost laughed himself sick, that’s why his face had been so red. By the way, animal lovers, the calf got better within days. Whether it was because of being out in the cold or because of the pleasure of being in the girls dorm, which privilege a calf does not get very often :-), but it had no ill effects. Several positive things came out of this all, but that’s for next time. (Go to Musings)

OVERPEINZINGEN VAN EEN ”OUDERE” MAN. Nr.14

Standard

Nr.13 eindigde met: (En vergeet het kalf niet).”

Hier was ik nu in een klein dorpje met zo’n 100 mensen, te midden van de prairies, meer dan 60 km van de dichtstbijzijnde stad, in een Bijbel College. Nu, in geval dat sommigen van u menen dat zo’n College een saaie plaats is en dat de studenten niets anders doen dan de Bijbel bestuderen en bidden, laat mij jullie iets vertellen over sommige andere dingen die daar gebeuren. Laten we eens terugkeren naar dat kalf!

Op een dag zaten we rond de tafel in de eetkamer met een staflid, de leidster van de vrouwelijke studenten. Zij zei plots, “Het is hier zo stil de laatste tijd, er gebeurt niets. Toen ik hier College liep hadden we dikwijls veel plezier met grappen uit te halen en zo.” Ze had beter moeten weten dan om dat in mijn aanwezigheid te zeggen. Terug in mijn kamer sprak ik er over met mijn kamergenoot en begonnen we te denken en overleggen wat we zouden kunnen doen. Iedere avond terwijl wij in bed lagen waren we plannen aan het bedenken en uiteindelijk besloten we een kalf uit de schuur te halen en los te laten in het meisjes studentengebouw. En zo, op een koude winteravond, of nacht liever, rond 1 uur, slopen we samen naar de schuur en droegen een klein kalf naar dat gebouw. We konden binnen doordat de deur van de verwarmingplaats niet op slot zat. We lieten het kalf los op de benedenste verdieping en renden naar buiten, na eerst het brandalarm aangezet te hebben, zodat alle meisjes wakker werden. De leidster die ons geïnspireerd had ging naar beneden waar een aantal meisjes rond het kalf stonden en op de een of andere manier kreeg ze het klaar het kalf de korte trap op naar de begane vloer te brengen en het achter te laten in de kleine inkomsthal. Ze was van plan om de volgende morgen iemand te bellen om het dier te komen halen. Maar wat zij niet wist, en wat wij ook niet wisten, was dat het kalf ziek was en diarree had……….! (Ga naar Overpeinzingen)

MUSINGS OF AN “OLDER” MAN. Nr.14

Standard

Nr.13 ended with: “(And don’t forget the calf..!)”

So here I was in a small town of about 100 people, in the middle of the prairies, some 60 km from the closest city, in a Bible College. Now just in case some of you think that a place like that is a dull place and that students do nothing else than study the Bible and pray all day, let me tell you about some other things that go on there. Let’s get back to the calf! One day as we were sitting around the dining room table, the dean of women who was at our table spoke up and said, “It is so quiet here the last while, nothing much is happening. When I was in Bible College some years ago we had fun, playing tricks and things like that.” Well, she should have known better as to say that at that table where I was also sitting. When I got back to my room I told my roommate about this. Immediately we started thinking and wondering what we could do. At night before going to sleep we would lie in bed talking and planning, finally coming up with the idea of getting a calf out of the barn and putting it into the girls’ dormitory. So, one cold winter night at about 1am we went to the barn and carried this calf to the girls’ dorm, getting into it through the door of the furnace room which was not locked. The building had several stories, so we left the calf on the lowest floor and ran out after first setting off the fire alarm so that all the girls would wake up. We sat down outside on the steps of one of the staff’s houses and watched all the lights go on in the dorm. I don’t think I ever laughed so hard in my life. The dean of women, the one who had been at our table, went down to the lowest floor where girls were standing watching the calf and she somehow was able to get the calf up the short stairs to the main floor, into the entrance way, a small hall. She left it there intending to phone someone the next morning to come and get the animal. What she didn’t know, and what we didn’t know either was that the calf was sick and had diarrhea…………! (Go to Musings)

OVERPEINZINGEN VAN EEN ”OUDERE” MAN. Nr.13

Standard

Nr.12 eindigde met: “Ik ben gewoon heel blij dat wij op deze manier ontdekt hebben dat God echt is, echt bestaat en gebed verhoort! Meer hierover later.”

Niet alleen verstevigde deze ervaring mijn geloof in God die hoort en gebed verhoort, maar deze voorziening bevestigde ook dat ik op het juiste spoor zat. En nu kon het grote avontuur van het Bijbel College, de studie van Gods Woord en dan de prediking daarvan voor meer dan 50 jaar beginnen, wauw! Eigenlijk was het een beetje grappig, één van de redenen voor mijn emigratie naar Canada was het zoeken van avontuur. Wie zou denken dat studeren aan een Bijbel College een deel van een avontuur kon zijn. 🙂 Ik ging eigenlijk een beetje met gemengde gevoelens, ik wist dat dit Gods roeping was, maar ik had nooit veel van studeren gehouden en om nu opnieuw te beginnen….?! Maar nu was het Gods doen en dat maakte zo’n groot verschil. Ik was op weg om de schoonheid en kracht van Gods Woord, en van het Evangelie van de Here Jezus Christus te ontdekken. Ik besefte toen nog niet hoe dit mijn leven zou veranderen en mij zou motiveren om de levende God te dienen en de wonderlijke en krachtige boodschap te verkondigen, een boodschap die de test der tijd heeft doorstaan. Ik heb het mogen prediken in België en op conferenties in zo’n 12 andere Europese landen, als wel in Canada en de VS. En keer op keer heb ik getuige mogen zijn van kracht van deze boodschap die zoveel levens heeft veranderd. God zij geloofd!

En zo, tegen eind september zijn Henry, Martin en ik in Henry’s volgeladen VW Kever naar het Westen vertrokken voor zo’n bijna 3.000 km tocht naar een klein dorpje in het midden van de prairies van de provincie Saskatchewan. Het college bezat ook een boerderij die voorzag in voedselproducten. Gedurende een koude winternacht zijn mijn kamergenoot en ik naar de schuur van die boerderij gegaan en hebben een kalf meegenomen….! Meer daar over later.

Ik was een beetje overweldigd door de uitgestrektheid van de prairies en de provincie Saskatchewan. Voor de mensen in België, jullie landje past 21 maal in Saskatchewan. België heeft 11 miljoen inwoners. Moest je België 21 maal in Saskatchewan leggen, dan zouden daar 231 miljoen mensen wonen. Nu zijn het er een beetje over 1 miljoen, dus kun je je voorstellen hoe uigestrekt dit land is en hoeveel ruimte dat er is, zeker genoeg om mijn lange benen te strekken! (En vergeet het kalf niet). (Ga naar Overpeinzingen)