OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.132.

Standard

Nr.131 eindigde met: “Allerlei vragen kwamen naar boven, maar we spraken er met de Gelling’s in Peer over, en baden serieus voor de leiding van de Heer. Toen werd het ons duidelijk wat we moesten doen……………..!” (Zie richardandmarina.net).

Nee, er viel geen briefje uit de hemel met duidelijke instructies, en ik hoorde ook geen stem achter in de auto zoals de vorige keer toen we van Beerse naar Koersel moesten verhuizen. Ik heb al eerder vernoemd dat wij meestal afgaan op drie wegwijzers, 1. Wat zegt de Schrift, in de algemene zin of specifiek? 2. Wat zegt de innerlijke stem van de Geest? 3. Wat maken de omstandigheden ons duidelijk? De Schrift in de algemene zin was duidelijk, “Predik het evangelie aan iedereen.” De Heilige Geest in ons spoorde ons aan gemeenten te stichten in andere gebieden. De omstandigheden waren duidelijk, er was een echte nood in Oost Vlaanderen en een vraag om te komen. Terwijl we bleven bidden voor Gods leiding, maakten we plannen om in de kerstvakantie te verhuizen, na twee jaar in Koersel gewoond te hebben.

Tot dan bleven we doorgaan met het werk in Limburg en iedere vrijdag reden we dan naar Oost Vlaanderen, hielden ’s avonds een Bijbelstudie, bleven overnachten en werkten een groot deel van de volgende dag aan het huis. We kregen hulp van een aantal jonge christenen en zelfs uit de Antwerpse gemeente kwamen er om ons bij te staan. Het was wonderlijk hoe snel alles vooruit ging terwijl wij gelijkertijd fijne gemeenschap hadden met de jonge gelovigen. We reden dan op tijd terug naar Koersel om daar ’s avonds een Bijbelstudie in ons huis te hebben, terwijl Marina met de kinderen een Bijbelclub hield in een andere kamer. ’s Zondagsmorgens reden we naar Beerse of Peer voor het Avondmaal en zondagschool. Ik bleef doorgaan met een aantal Bijbelstudies, de mensen bleven komen en brachten anderen mee, die nieuwsgierig waren geworden door de verandering in de levens van de jonge christenen en hun enthousiasme voor de Bijbel.

De tijd ging snel en de dag van onze verhuizing kwam er aan. Ik stond ’s morgens op om me aan te kleden en gereed te maken voor de komst van de verhuiswagen, maar plotseling overviel mij de twijfel, echte twijfel, deden we wel het juiste? Was dit echt wel de wil van God? Bijna panikeerde ik. Hebt u dat ook wel eens gehad? Het is alsof er een duistere, zwarte wolk over je komt. Wat nu te doen? Naar wie te gaan? Er was maar één verstandig ding te doen, ik greep mijn Bijbel en begon te lezen waar ik gisteren gestopt was…………! (Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.131.

Standard

Nr.130 eindigde met: “Maar voordat dit alles gebeurde kwam er een vraag van de andere kant van België…….!” (Zie richardandmarina.net).

Mijn eerste Canadese medewerker met wie ik samen de eerste gemeente gesticht had in Antwerpen, verliet het werk van de Heer in 1976. Na enige tijd keerden hij en zijn vrouw terug naar Canada en beiden zijn nu bij de Heer. Wij hadden een paar heel goede jaren met elkaar gehad en iedere woensdagnamiddag, als de kinderen geen school hadden, kwamen onze twee gezinnen samen om een spelletje te spelen en om daarna samen echte goede Belgische frieten te eten. Onze meisjes hebben hier heel fijne herinneringen aan.

Terwijl ik vanuit Antwerpen oostwaarts trok en verhuisde naar Beerse, ging mijn medewerker westwaarts en begon met een Bijbelstudie in een dorp ten noordwesten van Gent in de provincie Oost Vlaanderen. Toen hij stopte, nam het koppel waar de Bijbelstudies aan huis was, ik zal ze Luc en An noemen, contact op met mij en vroeg of ik de studies kon voortzetten. Het was een lange rit voor mij, tussen 1½ en 2 uur, afhankelijk van het verkeer. Maar na gebed hiervoor, stemden wij in, en zo, in de Herfst van ’76, reden we iedere vrijdag na school met de kinderen daar naar toe. Ik gaf de studie en Marina had een aantal kinderen in een aparte kamer waar zij met haar accordeon de kinderen liedjes aanleerde en Bijbelverhalen vertelde. Wij bleven slapen bij Luc en An omdat de studie meestal heel laat gedaan was. De kinderen waren al in bed tegen de tijd dat we afsloten.

Maar mijn medewerker was zo zeker geweest van de leiding van de Heer ivm die studie en een nieuw werk in die streek, dat hij al een huis gehuurd had in een naburig dorp om daar in de toekomst in te trekken. Het huis was echter gebruikt door een motorbende, de Hels Angels en was in een verschrikkelijke conditie. En nu werd ons de vraag gesteld, of wij bereid zouden zijn te verhuizen en het huurcontract over te nemen om hier een nieuw werk te beginnen? Er moest heel veel aan het huis gedaan worden en hoe zou dat gaan daar wij zo ver weg woonden? Zouden wij het werk in Limburg kunnen verlaten? Allerlei vragen kwamen naar boven, maar we spraken er met de Gelling’s in Peer over, en baden serieus voor de leiding van de Heer. Toen werd het ons duidelijk wat we moesten doen……………..! (Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.130.

Standard

Nr.129 eindigde met: “Toen we samen waren vertelde Bea dat zij Jezus al lange tijd geleden aanvaard had. Toen ik dat hoorde, daagde ik haar uit om haar huis open te stellen voor een wekelijkse Bijbelstudie……!” (Zie richardandmarina.net)

Ze was onmiddellijk volledig bereid en ik was opgetogen omdat ik iedere keer als we een Bijbelstudie starten in een nieuwe plaats, al in de toekomst een nieuwe gemeente zag ontstaan. En zo begon in de herfst van ’76 haar woonkamer vol te lopen met nieuwsgierige mensen, familieleden, vrienden en anderen die ze uitgenodigd had. Ze kregen allemaal een Bijbel en de week daarop kwamen sommigen terug met papiertjes in hun Bijbel bij dingen die ze niet begrepen en dan hadden we heel lange interessante discussies tot laat in de nacht. We vlogen dan van de ene tekst in de Bijbel naar de andere en zij waren dan zo verrast door alles wat ze in de Schrift vonden. En er werd ook veel gerookt, zodat wanneer ik thuiskwam en bij mijn lieve vrouw in bed kroop, zei uitriep, “Bah, wat ruik je vies….! 🙂

Al spoedig waren er een aantal die de Heer Jezus aangenomen hadden en echte wedergeboren christenen waren geworden. Ik stond keer op keer verwonderd over de kracht van Gods woord en hoe het de gedachten en levens van mensen zo kon veranderen. We reden naar Beerse met auto’s vol mensen die zich wilden laten dopen en de Heer gehoorzaam wilden zijn. Er was heel veel vreugde. Deze jonge christenen gingen de eerste tijd naar de gemeente in Peer, om “brood te breken”, of het Avondmaal te vieren, zoals het ook genoemd wordt. En de kinderen konden daar naar zondagsschool. Enige tijd later ontstond er een gemeente in Koersel en ging men daar gaan totdat er een gemeente gesticht werd in Lommel zelf. Marina en ik hebben in het begin meegeholpen. Na het Avondmaal predikte ik en Marina gaf zondagsschoolles aan de kinderen en gebruikte haar accordeon om met hen te zingen. Dat waren fantastische tijden. Het was geweldig te zien wat een honger deze jonge gelovigen hadden naar Gods woord en hoe ze groeiden in hun geloof. Dit was echt Nieuw Testamentische christenheid, zo eenvoudig en toch zo mooi.

Maar voordat dit alles gebeurde kwam er een vraag van de andere kant van België……! (Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.129.

Standard

Nr.128 eindigde met: “Tot nu toe was ’76 een veelbewogen jaar geweest, maar er ging nog veel meer gebeuren……!” (Zie richardandmarina.net).

Van Alberta keerden we terug naar Marina’s ouders boerderij en verbleven daar nog voor een korte tijd. Onze meisjes vonden het fantastisch om bij hun grootouders te zijn, die zij weer voor enkele jaren niet zouden zien. Toen reden we terug naar Zuid West Ontario. Voordat we terugvlogen naar België ging ik naar de garage waar ik eerder een Ford gekocht had voor $1,500.00. We hadden er duizenden km mee gereden zonder enige problemen, behalve dat we er wat nieuwe banden op moesten doen. De garage kocht de auto terug voor $1,200.00, spreek van nog een klein wonder! Geloofd zij de Heer.

Zoals vermeld in een eerdere episode, vloog ik ongeveer 1½ week voor onze eigenlijke terugkeer datum, naar België omwille van de begrafenis van Miriam. Marina en onze drie dochters kwamen dan later en hadden een nogal interessante reis. Omwille van de lange rit naar New York, hadden we hun tickets kunnen wijzigen en vlogen zij van Buffalo naar New York en vandaar naar België. Maar enige dagen voordat ze vertrokken was onze jongste dochter Rini op bezoek bij Nederlandse vrienden die nog klompen hadden staan. Rini wou die eens uit proberen maar viel en verstuikte haar enkel. Dus moest zij op de vliegvelden in een rolstoel zitten, maar zij vond het niet erg om rond gereden te worden en had, ondanks de pijn, toch veel plezier. 🙂

Er waren nu verscheidene Bijbelstudies in Limburg en één van deze in Peer groeide zo zeer dat we hem splitsen moesten. En zo ontstond er in het voorjaar van ’76 een nieuwe studie met een groep in Overpelt. Het werk daar groeide ook en enkele jaren later werd er een gemeente gesticht die er nog steeds is en blijft groeien, prijs de Heer!

Ik heb al in een vorige episode vernoemd dat een vrouw die aanwezig was op de begrafenis van Miriam, naar haar huis in Lommel reed en toen meteen naar een vriendin (laten we haar Bea noemen) om haar te vertellen wat ze meegemaakt had en ook, dat ze Robert en mij bij haar thuis uitgenodigd had. Bea was geweldig geïnteresseerd en vroeg of ze mocht komen om ons te ontmoeten. Toen we samen waren vertelde Bea dat zij Jezus al lange tijd geleden aanvaard had. Toen ik dat hoorde, daagde ik haar uit om haar huis open te stellen voor een wekelijkse Bijbelstudie……………! (Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.128.

Standard

P.S. Hebt u nr.126 gelezen en opgemerkt dat God nog steeds wonderen doet?

Nr.127 eindigde met: “Bij ons was er dan nog een bijkomend probleem, want waar was “thuis”? In België, of in Ontario waar onze thuisgemeente was en vele vrienden, of in het Westen van Canada waar onze meisjes geboren waren en waar Marina’s familie woonde…………?” (Zie richardandmarina.net).

We hadden “thuis” in België voor korte tijd verlaten en waren nu “thuis” in Ontario waar we tijd doorbrachten met onze thuisgemeente, waar ik sprak in verschillende gemeenten en we vrienden bezochten. Na enige tijd begonnen we aan onze reis naar ons “thuis” in het Westen, terwijl we in een aantal steden zoals Sault Ste Marie, Thunderbay en Winnipeg stopten om in gemeenten te spreken. Van daar reden we naar Gouldtown, Saskatchewan, naar Marina’s ouders. We logeerden daar voor enige tijd waarna we in samenkomsten spraken in Moose Jaw, Regina en Saskatoon, en daar familie en vrienden bezochten. Toen naar Glaslyn, ten noorden van North Battleford, waar Marina’s oudste broer woonde en waar we in het verleden hele fijne Vakantie Bijbelscholen hadden gehouden. We reden door naar de provincie Alberta waar ik sprak in gemeenten in Edmonton, Red Deer en Calgary en waar we ook familie en vrienden bezochten.

U vraagt zich misschien af of het nodig was om al deze gemeenten en mensen zowel in Ontario als ook in het Westen te bezoeken. Het antwoord is, jazeker! U moet niet vergeten dat dit de mensen waren die voor ons gebeden hadden en ons van tijd tot tijd ook financieel gesteund hadden. Wij hebben nooit een salaris gehad, maar hebben op de Heer vertrouwd om in onze noden te voorzien, wat Hij ook gedaan heeft, door mensen en gemeenten te gebruiken. Sommigen gaven regelmatig, anderen één of meerdere keren per jaar. Voor hen was het geweldig te horen dat God hun gebeden verhoord had en dat hun dollars goed gebruikt waren. En ook al was het een drukke en vermoeiende tijd, het was zulk een vreugde deze mensen te mogen ontmoeten. Zonder hen hadden we Gods werk in België niet kunnen doen, het was echt team werk. Zij waren zo verheugd te horen wat de Heer aan het doen was en wij waren zo blij hen te kunnen vertellen over levens die totaal veranderd waren door Gods Woord. Keer op keer citeerden wij Paulus zijn woorden aan de Romeinen, “Ik schaam mij het evangelie niet want het is een kracht Gods tot behoud.” En dit was zo overduidelijk, het evangelie van Christus is het krachtigste middel om niet alleen het zondige hart van de mensen te veranderen, maar ook de maatschappij. Zij waren zo bemoedigd, en wij ook! Alle eer aan de Heer!

Tot nu toe was ’76 een veelbewogen jaar geweest, maar er ging nog veel meer gebeuren……!(Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.127.

Standard

Nr.126 eindigde met:“Terwijl we naar de zaal liepen waar koffie en broodjes klaar stonden, voelden we de eerste regendruppels, en het regende de rest van de dag, en de volgende. Inderdaad, een echt wonder…..! Alle eer aan de Heer!”

Inderdaad, alle eer aan de Heer. Maar dat niet alleen, de begrafenis had vele harten geraakt. Ik denk vooral aan een vrouw die geweldig onder de indruk was, vooral door Robert zijn houding, in plaats van te rouwen, verheugde hij zich in de Heer. Zij woonde in een naburig dorp en toen ze thuis kwam reed ze meteen naar een vriendin om haar hierover te vertellen, wat later resulteerde in een wekelijkse Bijbelstudie en nog later in een nieuwe gemeente, maar daar kom ik nog wel op terug. We gaan eerst de draad oppakken in Canada.

In de tweede helft van juni waren we van Luxemburg, via IJsland naar New York gevlogen omdat dat toen het goedkoopste was. Op het vliegveld in New York stond Ollie Shantz, de broeder die ons een nieuwe gehuurde auto had gebracht, nadat de eerste in een ongeluk in elkaar was gereden (zie nr.107), en zijn vrouw Elsie ons op te wachten. Ze hadden de dag daarvoor meer dan 800 km gereden, in een motel geslapen en waren nu klaar om ons naar Ontario te rijden, waar we zouden verblijven bij goede vrienden op een boerderij niet ver van onze thuisgemeente. Er zaten 7 mensen plus al onze bagage in de auto, een grote Chevrolet, dus geen probleem, gewoon heel gezellig. 🙂

En dus nu waren we thuis “op verlof”, wat nu “home assignment” (“thuisopdracht”) wordt genoemd, omdat het woord verlof het idee geeft van vakantie, en dat is het zeker niet. Het betekent een hoop reizen om in verschillende gemeenten te spreken, om ondersteuners, familie en vrienden te bezoeken, terwijl er dikwijls bijna iedere nacht in een ander bed geslapen wordt. Veel zendelingen zijn blij terug op het zendingsveld te zijn, omdat ze daar een meer geregeld leven kunnen lijden. En voor velen wordt het zendingsveld meer “thuis” dan het “thuisland.” Veel zendingskinderen hebben een identiteitsprobleem, de onze ook, “Zijn wij Canadezen of Belgen?” Sommige kinderen hebben hier niet zo’n probleem mee, maar anderen wel en daarom dienen we voor hen te bidden. Bij ons was er dan nog een bijkomend probleem, want waar was “thuis”? In België, of in Ontario waar onze thuisgemeente was en vele vrienden, of in het Westen van Canada waar onze meisjes geboren waren en waar Marina’s familie woonde…………? (Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.126

Standard

Nr.125 eindigde met: “De volgende morgen werd ik wakker en hoorde de regen en bijna de hele weg naar Peer bleef het maar regenen……………!” (Zie richardandmarina.net).

Ja, zo’n echte twee of driedaagse Belgische regen. Ik riep tot de Heer, “Al deze mensen die buiten moeten staan, Heer a.u.b., U bent de God van de Schepping, de God die wonderen doet, de God die de Rode Zee open kliefde zodat de Israëlieten er door konden, de God die de storm op het meer stilde, U kunt hier toch ook iets aan doen? Deze begrafenis is tot Uw eer!” Dichter bij Peer werd de regen minder, en toen ik Peer binnenreed, geloof me of niet, er zijn getuigen genoeg, de wolken trokken open en ik zag wat blauwe lucht en zonnestralen. En van dat moment tot kort na 12.00 uur was het heel mooi droog weer, met afwisselend wolken en zonneschijn, terwijl het overal rond Peer regende. De dokters vrouw, Ingrid, zei later, “Dat was het grootste wonder van de dag!”

De dienst begon om 10.00 u met ongeveer 100 mensen in de woonkamer, de schuifdeuren open, en veel meer die buiten stonden. Er was een microfoon met luidsprekers op het gazon, zodat zelfs de buren aan de overkant alles konden horen. Er werd gezongen, Schriftgedeelten voorgelezen, zelfs Robert die een tekst las en iets vertelde, wonderlijk! Daarna predikte ik het Evangelie en vertelde de mensen wat Miriam mij opgedragen had hen te zeggen, dat zij nu in de hemel bij Jezus was. Je kon een speld horen vallen! De dienst werd afgerond met gebed waarna een aantal mannen de eenvoudige houten kist met een wit laken erop met een groen kruis, naar de begraafplaats droegen. Velen volgden en langs de hele route stonden er mensen te kijken, het was heel aangrijpend. Dit was de eerste maal in de geschiedenis van het oerkatholieke stadje Peer dat zoiets gebeurde. Een van de christenen overhoorde iemand zeggen, “Kijk toch eens, het lijkt wel of er een generaal begraven wordt.” Wat een getuigenis! En door deze begrafenis zijn er later mensen tot de Heer gekomen. Bij het graf werd er een Bijbeltekst gelezen en dankten we de Heer dat Miriam nu bij Hem was en vroegen we opnieuw voor kracht en troost voor de familie.

Terwijl we naar de zaal liepen waar koffie en broodjes klaar stonden, voelden we de eerste regendruppels, en het regende de rest van de dag, en de volgende. Inderdaad, een echt wonder…..! Alle eer aan de Heer! (Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.125

Standard

Nr.124 eindigde met: “Terwijl we dit samen bespraken, raakten we allebei nogal bewogen en opgewonden en ik zei tegen haar, “O Miriam, dit gaat echt iets worden, ik wou dat je er bij kon zijn.” Ze begon hardop te lachen……..!” (Zie richardandmarina.net).

Geschrokken keek ik haar aan en ze lachte opnieuw en zei, “Maar Richard, ik GA er toch bij zijn?!” Stelt u voor, een 7 maanden oud christen die zo sprak, ongelooflijk! Toont dit de echtheid van de levende God niet? Toen lachte ik ook, beseffende dat hier was iemand klaar om haar Heer en Heiland te ontmoeten. Innerlijk was ik de Heer aan het loven voor dit wonder van genade en dankte ik Hem dat Hij mij toeliet getuige te zijn van het werk van Zijn Geest. Ik verliet het huis die dag met grote vreugde in mijn hart omdat een nog tamelijk jonge vrouw klaar was om deze wereld te verlaten en een man die nog maar juist in Gods familie en koninkrijk geboren was geworden. Een vrouw die het tijdelijke leven hier verloor en haar man die hierdoor eeuwig leven had ontvangen. Korte tijd later namen we afscheid en vertrokken wij naar Canada. Ik zal later vertellen over ons verblijf daar, laat me eerst even doorgaan met deze geschiedenis.

Op de eerste zondag van september, terwijl ik voor de laatste maal in onze thuisgemeente in Canada aan het prediken was, kwam er iemand naar mij toe met een papiertje waarop stond, “Bel België zo spoedig mogelijk.” Ik wist onmiddellijk wat dit betekende en gaf uitleg aan de gemeente hierover. Meteen na de dienst reden we naar het huis waar we verbleven en belde ik België. En ja, Miriam was heengegaan naar de hemel, en of ik zo spoedig mogelijk kon komen?

Ik kon een vlucht bespreken voor maandagavond en ik arriveerde dinsdagmorgen in België. Ik werd afgehaald en we reden rechtstreeks naar Peer, waar Robert en ik elkaar omhelsden. Hij was heel positief door de kracht van de Heer. Alles was gepland voor de begrafenis de volgende dag. En zo, na de dingen besproken te hebben en gebeden te hebben, bracht men mij naar huis. Marina en de kinderen zouden de volgende week terugreizen. Ik had heel wat dingen te doen, waaronder het voorbereiden van de dienst en mijn prediking waaraan ik al eerder had gewerkt. Ik ging uitgeput naar bed omdat ik de vorige nacht op het vliegtuig geen oog had dicht gedaan. Ik viel in slaap met de begrafenis in gedachten en het feit dat zoveel mensen buiten zouden staan. De volgende morgen werd ik wakker en hoorde de regen en bijna de hele weg naar Peer bleef het maar regenen……………!
(Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.124

Standard

Nr.123 eindigde met: “Na enige tijd doorgebracht te hebben met haar, ging ik terug naar de keuken, waar Robert mij met grote ogen aankeek en vroeg, “En, heeft ze het u verteld….……?” (Zie richardandmarina.net).

“Wat zou ze me verteld moeten hebben?” vroeg ik. “Dat ik gisteravond wedergeboren ben geworden” antwoordde hij, “Ik heb Jezus in mijn hart aangenomen, maar, ik ga niet uit de Kerk weg.” “Dat is o.k.” zei ik, “doe maar wat de Heer op je hart legt.” Het was maar een week later dat hij mij vertelde dat hij de Kerk verlaten had. Ik stond stom verbaasd en vroeg wat er gebeurd was. Hij vertelde mij dat hij mijnheer pastoor bij hem thuis uitgenodigd had en hem gevraagd had waarom hij hem in al die jaren dat hij een getrouwe kerkganger was geweest, nooit het echte evangelie had verteld. De pastoor had daarop niets te zeggen en Robert was daar zo ontdaan van dat hij besloot om niet meer naar die Kerk terug te gaan! Stelt u voor, al die jaren naar de “ware “ Kerk gaan en nooit het “ware” evangelie te horen hebben gekregen!

Miriam was een geweldig getuigenis. Van overal kwamen er mensen om haar te troosten, maar zij was degene die hen troostte. De pastoor kwam, maar in plaats van dat hij met haar bad, bad zij met hem, ongelooflijk! Op een dag toen ik bij haar was zei ze dat ze haar hele begrafenis met mij wilde plannen. Ze gaf me een envelop, ik vroeg haar wat het was en zij antwoordde dat er geld in zat voor een vliegtuig ticket voor mij in geval ze zou sterven voordat wij terug waren. “Ik wil dat jij mijn begrafenis leidt en het evangelie predikt en de mensen vertelt dat ik in de hemel bij Jezus ben.” We keken elkaar aan met tranen in onze ogen en we waren heel stil voor een paar minuten omdat we beiden beseften dat wanneer ik naar Canada vertrok, wij elkaar hoogstwaarschijnlijk hier op aarde niet meer zouden zien. Het was voor ons beiden een heel ontroerend moment.

En zo begonnen we haar begrafenisdienst te plannen, de liederen, de Bijbelgedeelten, en ze was ook al begonnen met haar getuigenis te schrijven dat zou dienen als haar overlijdensbericht. Ze zou één van de mannen van onze gemeente, die timmerman was, vragen een eenvoudige houten kist te maken die door broeders van de gemeente naar het kerkhof gedragen zou worden. De dienst zou aan huis plaatsvinden, er konden ongeveer 100 mensen in de woonkamer en de anderen zouden buiten in de tuin staan, met luidsprekers. Terwijl we dit samen bespraken, raakten we allebei nogal bewogen en opgewonden en ik zei tegen haar, “O Miriam, dit gaat echt iets worden, ik wou dat je er bij kon zijn.” Ze begon hardop te lachen……..! (Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.123

Standard

Nr.122 eindigde met: “Een dokter had Robert verteld dat zijn vrouw waarschijnlijk niet al te lang meer te leven had, dus toen Miriam vroeg of de Bijbelstudies bij hen thuis mochten doorgaan, wat kon hij zeggen……..?” (Zie richardandmarina.net).

En zo gebeurde het dat er iedere woensdagavond meer dan 30 mensen in hun woonkamer zaten met Bijbels in hun handen of op hun knieën. Robert was ook aanwezig, ik denk uit beleefdheid. Maar na enige tijd werd Miriam zwakker en kon ze niet meer goed rechtop zitten omdat de kanker haar rug aangetast had, en kon ze ook niet meer de zondagsdiensten meemaken. Ze keerde zich opnieuw tot haar man en vroeg of de zondagsamenkomsten niet in hun woonkamer, die groot genoeg was, mochten doorgaan. Opnieuw, haar conditie kennende, wat kon hij zeggen?

En zo, terwijl de kinderen ergens anders zondagsschool hadden, kwamen er iedere zondagmorgen zo tussen de 30 en 40 volwassenen in hun woonkamer rond een tafel zitten waarop een brood en glas wijn stonden. Er werden liederen gezongen, Schriftgedeelten voorgelezen, er werd gedankt en dan werd het brood gebroken en rond gedeeld, alsook de beker. Daarna volgde er een korte boodschap. Het was allemaal heel eenvoudig, maar heel mooi. Ik vroeg me af wat er zich in Robert zijn hoofd afspeelde.

Omdat Miriam niet langer kon functioneren als moeder en huisvrouw, zorgden de jonge christenen voor alles, ze maakten maaltijden, hielden het huis schoon, deden de was, enz. Ze trachten de kinderen die teenagers waren te troosten en helpen, en ze ondersteunden Miriam waar ze ook hulp nodig had. Natuurlijk verbaasde Robert zich hierover en was hij er echt door getroffen, wat zijn houding veranderde.

Marina en ik en onze kinderen zouden voor 2½ maand naar Canada gaan van juni tot september. Toen de dag van ons vertrek dichter bij kwam bezocht ik Miriam iedere dag en las de Bijbel met haar, baden we samen en spraken veel. Op een dag kwam ik langs achter het huis binnen in de keuken waar Robert koffie zat te drinken. Na hem begroet te hebben, liep ik door naar de woonkamer waar Miriam op bed lag. Na enige tijd doorgebracht te hebben met haar, ging ik terug naar de keuken, waar Robert mij met grote ogen aankeek en vroeg, “En, heeft ze het u verteld….……?

P.S. Ik hoop dat u 122 niet gemist hebt, ik heb het dinsdag gepost met dit: P.S. Ik ga waarschijnlijk twee episodes per week schrijven, zo let op de volgende. Ze gaan misschien ook iets langer worden, anders ben ik over 100 jaar nog niet klaar, :-). (Ga naar Overpeinzingen).