OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.181.

Standard

Nr.180 eindigde met: “Wij waren blij terug te zijn in het land waar de Heer ons gezonden had, maar de vijand was niet zo blij en 1994 zou een nogal bewogen jaar worden, het begon met een ernstig ongeluk…………!” (Zie richardandmarina.net).

Begin februari reden wij naar huis van een bidstond. We bevonden ons op een driebaansweg net buiten Gent. Het was miserabel weer met temperaturen dicht bij het vriespunt en wat natte sneeuw. Er was heel wat verkeer en we reden ongeveer 50 km per uur in een lange rij wagens. Marina was een brief aan het lezen en ik keek even opzij naar die brief, maar toen ik terugkeek op de weg zag ik rode remlichten vlak voor mij. Ik sprong op de rem maar, waarschijnlijk door de natte sneeuw of wat ijs, gleed de auto door en smakte tegen de voorligger, die op zijn beurt tegen de wagen daarvoor reed, en die dan weer tegen zijn voorligger. De chaufeur van de voorste auto had opeens beslist links af te slaan en had plotseling geremd waardoor de crash gebeurde. Ik voelde mij geweldig schuldig, maar de politie was heel vriendelijk en zei me geen zorgen te maken daar deze dingen zo snel kunnen gebeuren. En daarbij, iedereen was schuldig want niemand had afstand bewaard. Wij hadden onze veiligheidsriemen aan, maar Marina had veel pijn in haar borst. We belden vrienden die ons naar het ziekenhuis brachten waar men X-rays nam en ontdekte dat Marina’s borstbeen gebroken was. Daar kon niets aan gedaan worden, het zou vanzelf moeten genezen, maar het was wel heel pijnlijk voor een lange tijd. Wij dankten God, het had veel erger kunnen zijn.

Wij gingen door met de bediening die de Heer ons gegeven had, terwijl wij Hem dankten voor het voorrecht Hem te mogen dienen en levens te zien veranderen. We hielpen met de opbouw van de nieuwe gemeente in Mariakerke, terwijl ik ook evangelisatiebijbelstudies hield op verschillende plaatsen. Ook trachtte ik oudsten en gemeenteleiders te ondersteunen en hielp met het oplossen van problemen hier en daar. Er was nooit een saai moment! Na een nogal drukke en stresvolle week reden we op een zondagmorgen naar de gemeente, maar niet ver van huis stopte ik langs de kant en zei tegen Marina dat ik frisse lucht nodig had. Ik stapte uit en haalde een paar maal diep adem, maar dat hielp niet en ik begon hoofdpijn te krijgen. Mij niet goed voelende reden we terug naar huis en belden de dokter die onmiddelijk kwam. Hij dacht dat ik aan het hyperventileren was en zei me te gaan liggen en voor een uurtje te rusten. Als het niet beter werd hem te bellen. En het werd niet beter, dus kwam hij terug, schreef een briefje en zei naar de spoedafdeling van het ziekenhuis te gaan……! (Ga naar Overpeinzingen).

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.180.

Standard

Nr.179 eindigde met: “Tegen eind ’92 keerden Marina en ik terug naar Canada voor een home assignment en ook om te zien hoe het nu zou gaan met Rosa, daar Burt en Elaine vonden dat hun tijd op was en wilden verhuizen. Hoe zou de Heer deze maal leiden………..? (Zie richardandmarina.net).

Onze plannen waren om maar een paar maanden in Canada te verblijven, om Rosa te zien en om contact met onze thuisgemeente en andere ondersteuners te hebben. Maar omdat Burt en Elaine verhuisden en omdat Rosa nog hulp nodig had, bleven we langer. Nadat de dokters vastelden dat Rosa Myalgic Encephalomyelitis (ME) had, hielp Elaine haar met het verkrijgen van een invaliditeitspensioen. Op 23 december vloog ik terug naar België  en bleef daar een paar maanden terwijl ik nieuwe gelovigen en gemeenten bijstond en hielp problemen op te lossen. Ik sprak ook op conferenties in Frankrijk, Duitsland en Wit Rusland. Daar verbleef ik bij vrienden, die met World Vision werkten, in Gomel, de op één na grootste stad van dat land. Ik werd uitgenodigd om te spreken voor de dokters en verpleegsters van een groot ziekenhuis en ook voor de stafleden van de grootste vrouwengevangenis in Wit Rusland. Allen die op die bijeenkomst waren kregen een bijbel. Het hoofd van de gevangenis was echt onder de indruk en ik ben bijna zeker dat zij de Heer heeft aangenomen. Wat mij in dat land het meeste trof was de geweldige armoede, gewoon ongelooflijk en het deed me beseffen hoe rijk wij zijn en hoe goed wij het hebben in het Westen, en hoe dankbaar we dienen te zijn.

Eind february vloog ik naar Canada, maar in april moest ik terug, deze keer naar Nederland voor de begrafenis van mijn moeder. Na al het reizen, de bijeenkomsten, de problemen, de emoties, enz. was ik uitgeput geraakt. Ik sprak met onze oudsten en vroeg hen of ik een zes maand “sabbatical” mocht nemen, zij stemden daar volledig mee in. Jezus zei tegen zijn discipelen na een zeer drukke periode dat ze een tijdje moesten rusten. Van 1971 to 1993 was een zeer drukke tijd geweest en het was goed om alles eens los te laten.

In December reisden Marina en ik terug naar België. Rosa kreeg voor een zekere tijd hulp van de oudsten, toen van het Rode Kruis en daarna van een organisatie, ILC, Independent Living Center voor mensen met een invaliditeit. Vijf dagen per week komt er een vrouw voor twee uur om te koken, kuisen en te helpen met persoonlijke verzorging, ze worden dan ook “verzorgsters” genoemd. De rest van de tijd is ze alleen en zorgt ze voor zichzelf.

Wij waren blij terug te zijn in het land waar de Heer ons gezonden had, maar de vijand was niet zo blij en 1994 zou een nogal bewogen jaar worden, het begon met een ernstig ongeluk…………! (Ga naar Overpeinzingen).

 

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.179.

Standard

Nr.178 eindigde met: “Maar net zoals God echt is, is de duivel dat ook en wij hadden zijn tegenstand al heel wat keren meegemaakt op verschillende manieren. En nu, ons nog onwetende, was hij al weer bezig aan te vallen, zoals we spoedig zouden ontdekken…………..!” (Zie richardandmarina.net).

De duivel, Satan, is de bron van ontmoediging, verwarring en verdeeldheid. Wij ervoeren dat in ons eigen leven en zagen het ook in de levens van andere gelovigen en gemeenten. Ik heb al heel wat geschreven over mensen die tot geloof kwamen en gemeenten die gesticht werden, veel om de Heer voor te danken, maar er waren ook teleurstellingen en ontmoedigingen. Soms ontstond er verdeeldheid door verschil van mening over leerstellingen en gemeentepraktijken. Dit was nu ook gaande in één van onze gemeenten en zonder in detaille te treden, het resulteerde in een gemeentesplitsing, een groep gelovigen verliet de gemeente. Het was hartverscheurend en heel pijnlijk. Er volgden slapeloze nachten en veel gebed, maar uiteindelijk gaf de Heer overwinning en na heel wat tijd kwamen de twee groepen samen, beleden verkeerde houdingen en werden herenigd, prijs de Heer. Satan had deze strijd verloren!

We bleven werken met de nieuwe gemeente in Mariakerke, ik gaf Bijbelstudies in andere plaatsen en ik bleef ook doorgaan met de woonkamer evangelisatiestudies vooral in West Vlaanderen. Er was al een geweldige beweging van de Heilige Geest geweest in dat deel van België met de bekering van velen, maar nu scheen er verandering te komen. We hadden nog steeds volle woonkamers, maar het was niet meer helemaal hetzelfde. Na de studie was er altijd gelegenheid om vragen te stellen, maar terwijl wij voorheen de ene vraag na de andere kregen, zodat we dikwijls tot middernacht of nog later doorgingen, bleef het nu dikwijls stil en kwamen er niet echt veel vragen los. Vreemd!

Gedurende de periode van ’72 tot ongeveer ’92 was er een echte beweging van Gods Geest en heel wat mensen waren geïnteresseerd in de Bijbel en hadden veel vragen. Iedere week, soms zelfs iedere dag kwamen er mensen tot de Heer, maar dat was nu niet meer zo. Andere evangelische werkers merkten dit ook. Vreemd. Maar als we de geschiedenis bestuderen zien we dat Gods Geest op bepaalde tijden en op bepaalde plaatsen speciaal actief is. Waarom dat zo is weet ik niet, heeft het iets te doen met Gods soevereiniteit?

Tegen eind ’92 keerden Marina en ik terug naar Canada voor een home assignment en ook om te zien hoe het nu zou gaan met Rosa, daar Burt en Elaine vonden dat hun tijd op was en wilden verhuizen. Hoe zou de Heer deze maal leiden……….? (Ga naar Overpeinzingen).

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.178.

Standard

Nr.177 eindigde met: “We tekenden en hadden dus nu een eigen huis, maar……………!” (Zie richardandmarina.net).

Ja, we hadden juist ons eerste huis gekocht dank zij de twee Belgische echtparen die ons renteloze leningen gaven. Toen we jaren later ons huis verkochten hadden we voldoende om de condo waar we nu in wonen hier in Elmira, Canada, te kopen. En we danken God nog steeds voor de liefde en goedheid van deze broeders en zusters in de Heer.

En jazeker, we hadden juist een huis gekocht voor een hele redelijke prijs, maar…….., het was een heel oud huis en er moest veel gerenoveerd worden. En zo voor bijna drie maanden, terwijl ik doorging met Bijbelstudies te geven, te prediken en mensen te bezoeken werd er hard aan het huis gewerkt. God zij dank voor onze medewerker Henk Gelling die een heel aantal zaterdagen helemaal van Limburg kwam, met twee of drie andere broeders om ons te helpen. In januari 1991 konden we ons huis intrekken. Diezelfde maand, op de 16de werd ons eerste kleinkind geboren als dochtertje van onze tweede dochter Lily en haar man Bart. Kleine Emma Vanhyfte was een bundeltje blijdschap en we dankten de Heer voor haar. En nu, in 2016 is zij getrouwd met een Engelsman en zijn zij samen actief in de zending.

Ik had huiskamer Bijbelstudies gehouden in het noordelijk deel van Gent en een aantal mensen waren wedergeboren geworden. We hielden doopdiensten en deze nieuwe broeders en zusters kwamen mee naar de Gentse gemeente in het zuidelijk deel van de stad. Maar dat zorgde er voor dat het gebouw te klein werd en dat er iets gedaan moest worden, want zo kon het niet langer. We konden geen groter gebouw vinden en hadden daar ook de financiën niet voor. Daarom starten we met een groep mensen, de meesten van de noordkant van Gent, een nieuwe gemeente in Mariakerke, een voorstad van Gent. Deze kerk werd wel eens de reizende gemeente genoemd omdat om verschillende redenen zo dikwijl van gebouw veranderd moest worden. We zijn zelfs voor een bepaalde tijd samengekomen in een oud kasteel.

In Limburg, in het oosten van Belgie bleef het werk ook groeien en waren er ondertussen twaalf gemeenten. In Oost Vlaanderen waren er vier, alsook in West Vlaanderen en in de Antwerpse regio. Alle eer aan God, hoe wonderlijk was de Heilige Geest aan het werk, stel je voor, 24 gemeenten in minder dan 20 jaar, en dat in zo’n moeilijk West Europees land, ongelooflijk. We kunnen alleen maar zeggen, kijk wat de Heer gedaan heeft. En wat een voorrecht om daar aan te hebben mogen meewerken. Maar net zoals God echt is, is de duivel dat ook en wij hadden zijn tegenstand al heel wat keren meegemaakt op verschillende manieren. En nu, ons nog onwetende, was hij al weer bezig aan te vallen, zoals we spoedig zouden ontdekken…………..! (Ga naar Overpeinzingen).

 

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.177.

Standard

Nr.176 eindigde met: “De volgende dag kregen zij telefoon van een familielid, een vrouw in Elmira die Rosa bijstond. Zij vroeg of zij niet twee weken voor een jonge vrouw wilden zorgen terwijl haar ouders naar het Westen reisden. Burt vroeg waar die jonge vrouw woonde en kreeg als antwoord, in Elmira, downtown……………..!”

Ja, God is heel echt, en Hij spreekt ook heel echt tot ons op vele verschillende manieren. Soms legt Hij woorden op ons hart zoals bij Burt, andere keren krijgen we een sterke indruk in onze gedachten, zoals ik dat kreeg in de herfst van 2014, toen ik met de oudsten samenkwam om het rooster van de zondagpredikingen van 2015 samen te stellen. Er werden mij acht zondagen toegewezen en ik nam die aan, maar tegelijkertijd had ik een gevoel van ongemak, in het Engels noemen we dat soms een “check.” Iets zei in mijn hart, “nee, je gaat er niet zijn.” Ik voelde me heel onbehagelijk, maar wat moest ik tegen de oudsten zeggen, dat ik volgend jaar dood ging zijn? En nee, ik stierf niet, maar ik had wel een heel ernstige inzinking in februari zodat ik werkelijk dat jaar niet meer prediken kon. We dienen Gods stem te leren herkennen en naar Hem te luisteren, Hij spreekt veel meer tot ons dan we beseffen.

Toen Marina en ik terugkeerden van ons korte bezoek aan de familie in het Westen, vertelden Burt en Elaine ons dat de Heer hen had ingegeven om voor een onbepaalde periode bij Rosa te blijven, uiteindelijk werd dat 2 1/2 jaar. Wij waren natuurlijk geweldig dankbaar dat Rosa in goede handen was en dat de Heer dit zo geregeld had. En zo vlogen wij in september terug naar België. We konden voor enige tijd op de bovenverdieping van het gemeentegebouw in Eeklo verblijven, waar ook onze spullen opgeslagen waren. Twee echtparen van een gemeente boden ons een renteloze lening aan om een huis te kunnen kopen, wat een geweldig offer van die mensen was. Opnieuw ervoeren we Gods voorziening.

En dus begonnen wij te zoeken naar een huis, hetgeen niet zo eenvoudig was, maar uiteindelijk vonden we toch iets in een welgesteld dorp ten zuiden van Gent. Wij woonden wel niet in de sjieke buurt, maar in de  buurt van woningen van lagere stand. Naar algemene gewoonte in België wou de eigenaar een deel in het zwart doen, zodat er alleen maar belasting betaald wordt op het bedrag dat op de verkoopovereenstemming staat. Ik zei tegen hem dat ik christen was en dat niet wilde doen. Hij vloekte geweldig en zei, “xxxxx, ik ben ook christen.” Ha, dat had hij dan juist wel bewezen! Ik vertelde hem dat ik hem een extra bedrag zou geven als we alles eerlijk zouden doen en hij stemde daar mee in. We tekenden en hadden dus nu een eigen huis, maar……………! (Ga naar Overpeinzingen).

 

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.176.

Standard

Nr.175 eindigde met: “Toen ik eenmaal terug was in Elmira, werd ik zo wanhopig, dat ik een briefje schreef en naar één van de oudsten bracht, waarin stond dat ik ging stoppen met zendeling te zijn en hier in Canada werk ging zoeken om bij Rosa te kunnen blijven…………! (Zie richardandmarina.net).

Marina en ik hadden veel gebeden en gesproken over wat ons te doen stond. We konden geen medische hulp vinden voor Rosa en omdat we niet wisten wat te doen en tot wie we ons konden richten, besloten we Gods weg te gaan en met de oudsten van onze gemeente te spreken. Wij geloven dat God gezag heeft ingesteld, in de regering, in de gemeente en in het gezin. En ook al zijn onze politieke leiders onvolmaakt, alsook onze geestelijke leiders en de vaders van de gezinnen, toch dienen we hen te gehoorzamen en ons aan hen te onderwerpen. Het menselijk hart verwerpt gezag, denk maar aan het eerste menselijk paar in de hof van Eden, wat was hun zonde? Zij verwierpen Gods gezag en gingen hun eigen weg, en we weten wat het gevolg was!

Twee van onze oudsten, die alle oudsten van onze gemeente vertegenwoordigden, kwamen met hun vrouwen, samen met Marina en ik, en vertelden ons dat ze ons “ontslag” niet aanvaarden, ze waren er van overtuigd dat wij terug naar België dienden te gaan om onze Godgegeven dienst voort te zetten. Zij boden aan om de beurt voor Rosa te zorgen. Er werd samen gebeden. Marina en ik respecteerden hun positie en leiderschap en voelden aan dat we op hun voorstel dienden in te gaan, terwijl wij op God vertrouwden om alles te leiden. Het was geweldig wat deze twee echtparen voor ons en Rosa wilden doen. En wij geloofden dat zolang wij Gods weg volgden Hij ons zou begeleiden. En dat deed Hij ook, Hij had eigenlijk nog een beter plan. Er werd besloten dat wij in september naar België zouden terugkeren en dat we in augustus een korte reis naar het Westen zouden maken om afscheid te nemen van Marina’s familie.

Er woonde in Montreal een fijn gepensioneerd christelijk echtpaar, Burt en Elaine McCollum. Zij hadden jaren de Heer daar gediend met de Union of French Baptist Churches in Canada, en Burt had juist ontslag genomen van zijn positie. Zij vroegen zich nu af waar de Heer hen wilde hebben. Elaine had de Heer gebeden maar geen duidelijke leiding ontvangen. Burt was naar zijn kamer gegaan en had God’s aangezicht gezocht. Twee woorden werden op zijn hart gelegd, “Elmira, downtown.” Hij wist niet wat hij daar van denken moest. De volgende dag kreeg hij telefoon van een familielid, een vrouw in Elmira die Rosa bijstond. Zij vroeg of zij niet twee weken voor een jonge vrouw wilden zorgen terwijl haar ouders naar het Westen reisden. Burt vroeg waar die jonge vrouw woonde en kreeg als antwoord, in Elmira, downtown……………..! (Ga naar Overpeinzingen).

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.175.

Standard

Nr.174 eindigde met: “Op Paaszondag, 26 maart, 1989 hielden we onze eerste zondagsdienst in de sportzaal van de lagere school in Alma, een nieuwe gemeente was opgestart, Jezus moet zich verheugd hebben………………….!” (Zie richardandmarina.net).

Tot eind juni bleef de gemeente samenkomen in de school, maar omdat die niet gebruikt kon worden gedurende de zomermaanden, kwamen we overeen met de Presberiaanse Kerk om hun gebouw te huren, en dit gedurende 7 1/2 jaar. Maar toen de school bijgebouwd had, ging de gemeente terug daar samenkomen voor 3 1/2 jaar. In November van ’92 werd een stuk grond aangekocht, en om een lang verhaal kort te houden, op 10 september 2000 werd de eerste dienst gehouden in het nieuwe gebouw. Iedere keer als ik nu door Alma voorbij dat gebouw rij, dank ik de Heer voor wat Hij gedaan heeft. Er komen nu zo’n 150 tot 200 mensen naar deze kerk. Natuurlijk waren wij daar alleen maar de eerste twee jaar. Gedurende de zomer van ’89 hielden we een bijbelclub buiten op het gazon van een boerderij. Marina met de hulp van anderen leidde dit en het was geweldig. We hadden een fantastische afsluiting waar veel ouders en anderen naar toe kwamen.

Gedurende ons verblijf in Canada waren we niet inactief, we hielpen met de nieuwe gemeente en daarnaast sprak ik op een aantal conferenties in Canada en de VS, alsook in vele gemeenten. Ik ging ook nog tweemaal voor ongeveer twee maanden naar België and andere Europese landen om op conferenties te spreken.

Terugkomend in Canada was zo anders als vorige malen wanneer wij op “verlof” kwamen en dan bij onze vrienden Len en Vi Bearinger verbleven op de boerderij, waar onze kinderen veel plezier hadden met de kleine zwart witte biggetjes en wij allemaal genoten van aardbeien, perziken met room en zoete mais. Nadat de Bearinger’s naar Elmira verhuisd waren, verbleven wij daar bij hen. We dankten de Heer voor hun gastvrijheid.

Maar nu kwam ik terug naar ons eigen appartement waar Marina en Rosa op mij zaten te wachten. Rosa’s lichamelijke conditie was aan het verslechteren en we konden maar niet de juiste hulp voor haar vinden. Het was heel moeilijk en frustrerend. Toen ik nog alleen in België  was belde ik Marina op een bepaald ogenblik en zij begon te huilen en zei, “Waarom moeten wij zendelingen zijn?” Het brak bijna mijn hart. Toen ik eenmaal terug was in Elmira, werd ik zo wanhopig, dat ik een briefje schreef en naar één van de oudsten bracht, waarin stond dat ik ging stoppen met zendeling te zijn en hier in Canada werk ging zoeken om bij Rosa te kunnen blijven………………….! (Ga naar Overpeinzingen).

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.174.

Standard

Nr.173 eindigde met: “Tegen eind 1988 en begin ’89 hielden we samenkomsten in een zaal in Alma en gaf ik studies over gemeentebeginselen en praktijken, en daar werd dan samen over gediscussïeerd. Het was een opwindende tijd, waartoe zou dit leiden en was dit echt van de Heer…………….?” (Zie richardandmarina.net).

U vraagt zich misschien af hoe het kwam dat ik zo bezeten scheen te zijn nieuwe gemeenten te stichten? Niet moeilijk, Jezus had gezegd, “Ik zal mijn gemeente stichten” en met Pinksteren kwam de Heilige Geest om juist dat te doen. En wanneer we verder lezen in Handelingen zien we hoe er overal in de toen bekende wereld gemeenten gesticht werden. Wat is het belang van de gemeente? 1. Het is Gods woonplaats op aarde, Ef.2:22. 2. Het is Gods huis en opleidingsbasis voor de gelovige, Ef.2:19; Ef.4:11-16, en 3. Het is Gods getuigenis op aarde, 1Tim.3:14-15. Of zoals Dr. Jay Kesler het zo duidelijk gezegd heeft:

  1. De gemeente is het enige instituut dat handelt met ultimatieve zaken zoals, dood, oordeel, relaties, doeleinden, blijvende prioriteiten, zin van het leven, identiteit, hemel en hel.
  2. De gemeente voorziet in een perspectief dat waardigheid geeft aan de mensheid. In een tijd waarin de mens gezien wordt als een machine, een nummer, een iets uit het niets gekomen.
  3. De gemeente heeft een moreel en ethisch kompas midden in de betrekkelijkheid. Als een moeras van donker, slijmerige water; zo heeft onze maatschappij absolute waarden weerstaan, ja zelfs totaal verworpen. Maar zo niet de gemeente, zij staat nog steeds op de tijdloze en onveranderde rots der heilige Schrift.
  4. De gemeente is de enigste plaats waar men ware gemeenschap, genezing, medelijden en liefde vindt. Hier geven mensen werkelijk om elkaar en dat niet omwille van positie of geld, maar omdat Gods Geest aan het werk is levens met elkaar in het lichaam te verbinden.
  5. De gemeente heeft zoals geen ander, motivatie gegeven voor de meest blijvende, onzelfzuchtige, essentiële en moedige bedieningen op aarde. Scholen, klinieken, opvangtehuizen, melaatsentehuizen, afkickcentra, gevangenisbezoeken, allerlei missies, enz. enz.

Stephen Olford, een beroemde Engels/Amerikaanse prediker zei: “Het evangelie is het krachtigste middel om de samenleving te veranderen.” En de gemeente is de drager van dat evangelie.

Bill Hybels heeft gezegd: “De plaatselijke gemeente is de hoop van de wereld en haar toekomst ligt in de handen van haar leiders.” En ook, “Sterke, groeiende gemeenschappen kunnen de loop van de geschiedenis veranderen.” En dat is al gebeurd en het neemt nog steeds plaats over de gehele wereld, geloofd zij de Heer. Wordt u niet opgewonden als u dit leest? Iedere christen dient actief te zijn in een plaatselijke gemeente.

Het werk in Alma bleef groeien. We hielden bijbelstudies aan huis, waar ik de volwassenen onderwees en Marina de kinderen in een andere kamer. Op Paaszondag, 26 maart, 1989 hielden we onze eerste zondagsdienst in de sportzaal van de lagere school in Alma, een nieuwe gemeente was opgestart, Jezus moet zich verheugd hebben………………………….! (Go to Overpeinzingen).

 

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.173.

Standard

Nr.172 eindigde met: ” De Schrift vernoemt ongeveer 25 verschillende gaven van de Heilige Geest, kent u de uwe en gebruikt u die ook? Waar leeft u voor en wat doet u hier eigenlijk……..? (Zie richardandmarina.net).

“En Hij zeide tot hen, laten wij elders heengaan, naar de naburige plaatsen, opdat Ik ook daar predike; want daartoe ben ik uitgegaan (gekomen).” Marcus 1:38. Jezus wist waarom Hij hier was, Hij wist waarom Hij gekomen was. Hoe staat het met u? Weet u waarom u hier bent en wat Gods doel met u is? “Laten we elders heengaan, naar de naburige plaatsen” zei Hij. In Matt.9:35 lezen we, “En Jezus ging ALLE steden en dorpen langs” en leerde en verkondigde en genas. Wauw! Wat een geweldige zendeling was Hij. Toen wij naar België gingen was het ons verlangen een gemeente te stichten in iedere stad en ieder dorp. Ik heb nog steeds dat verlangen en o, wat zou ik graag terug zijn in België om in steden en dorpen te prediken. Maar dat is niet mogelijk en we moeten het nu overlaten aan anderen. En zij doen het ook! Wij hebben gehoord dat er meer mensen de Heer hebben leren kennen, gedoopt en aan de gemeenten in België toegevoegd zijn. Er zijn nieuwe werkers bijgekomen en nieuwe gemeenten gesticht, prijs de Heer. Het toont dat het niet ons werk was of is, maar Zijn werk, en dat het kan doorgaan ook zonder ons. Geloofd zij de Heer!

Ook al was ik blij met het mogen prediken en bijbelstudies houden in gemeenten in verschillende plaatsen, onze harten gingen uit naar gemeentestichting omdat we geloofden dat de Heer ons daartoe geroepen had. En ik was toen, en ben nog steeds, rotsvast overtuigd dat gemeentestichting de beste en snelste manier is om de wereld te bereiken met het evangelie, en daarom was het ook een vreugde al bestaande gemeenten te mogen helpen groeien. De voltijdse werker van de Woodside Bible Chapel hier in Elmira ging weg en ik mocht de oudsten bijstaan met huisbezoeken en prediken. Maar wat van een nieuwe gemeente? Het was mijn aanhoudend gebed. Ik sprak met één van de oudsten van onze thuisgemeente, een geliefde broeder, Abner Frey, die nu, na zijn strijd met kanker, bij de Heer is, en hij had visie voor wat er op mijn hart lag. We spraken met elkaar en baden samen en ik begon mensen in de omgeving van Alma, niet zo ver van Elmira, te bezoeken. Na enige tijd waren er een aantal mensen geïnteresseerd in het opstarten van een nieuwe gemeente. Tegen eind van 1988 en begin ’89 hielden we samenkomsten in een zaal in Alma en gaf ik studies over gemeentebeginselen en praktijken, en daar werd dan samen over gediscussïeerd. Het was een opwindende tijd, waartoe zou dit leiden en was dit echt van de Heer…………….?