OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.62

Standard

Nr.61 eindigde met: “In april, na afscheid genomen te hebben van Marina’s familie, reden we terug naar Drayton, ON en WBC om ons voor te bereiden op ons vertrek naar Europa…….!” (Zie Overpeinzingen).

Wij arriveerden in Ontario in april 1971. Marina en ik waren in september 1970 vier weken in Nederland geweest om voor een open deur te zoeken, maar we hadden niets gevonden. Enige tijd later kregen we contact met mijn eerste kamergenoot op het Bijbel College, Henry, en zijn vrouw Lillian die de Heer dienden in Nederland met de Bible Christian Union. Zij zouden voor 6 maanden naar Canada teruggaan en schreven ons om te vragen of wij in hun appartement wilden wonen en in hun kerk wilden dienen. We namen dit als Gods leiding en begonnen ons voor te bereiden om naar Nederland te verhuizen.

Ongeveer een maand voordat we vertrokken kreeg Marina longontsteking en ontdekten de dokters een plek op haar longen. Ik moest voor een week van speciale samenkomsten naar Peterborough. Onze dokter vond dat Marina naar het ziekenhuis moest, maar zij wou de kinderen niet achterlaten en bleef thuis. Ze was heel zwak en lag een deel van de dag op de sofa. Ze zei tegen de mensen die haar kwamen bezoeken dat ze zelf hun koffie moesten inschenken. Was dit nog eens een aanval van de vijand om ons tegen te houden? Ik dacht van wel! Overal in Canada waren er mensen voor haar aan het bidden. Toen ik eenmaal thuis was zei ik, “Plek of geen plek, we gaan.” Vier dagen voordat we vertrokken toonden de röntgenfoto’s dat de plek weg was, prijs de Heer! Maar omdat Marina nog zwak was kon ze op zondag, 6 juni, de dag waarop we naar Nederland vlogen, niet aanwezig zijn op de laatste zondagmorgen samenkomst. Die morgen gaf de Heer haar een tekst in Jesaja, hfdst.45:2-3, “Ik zelf zal vóór u uitgaan en de oneffenheden effenen; koperen deuren zal Ik verbreken en ijzeren grendels verbrijzelen. En Ik zal u geven de schatten der duisternis en de rijkdommen der verborgen plaatsen.” En de Heer heeft ons vele, vele kostbare zielen in België gegeven, “schatten der duisternis” die in het Licht gekomen zijn……! (Zie Overpeinzingen)

 

MUSINGS OF AN “OLDER” MAN. Nr.61

Standard

Nr.60 ended with: “And we became aware of the fact that God was sending us to Europe to do exactly that. Would that really happen? I wasn’t so sure of that the first while that we were in Belgium……! (See: richardandmarina.net)

More about that later. But now, with which Mission organization should we go? We had been praying about this and had no freedom to approach any Mission. We discovered that the Open Brethren Assemblies have some 1500 missionaries all over the world, without a Mission organization. They have Service Committees; for example, one in Toronto called Missionary Service Committee (MSC), and in the US, called Christian Missions in Many Lands (CMML). These committees serve the missionaries and the churches. They are recognized by the government and can give tax deductable receipts. They do not have authority over the missionaries, as they believe the missionaries should get their directions from the Lord. We came to believe that the Lord would have us go that way, just with Him, no organization. Later in Belgium it would become clear why this was so important. We now knew how we were to go, but we felt we were in need of three things, 1. A strong home church, 2. Co-workers and 3. Lots of Christians praying. The Lord had led us to a wonderful church which had become our spiritual home. We continued to pray that He would provide the right co-workers and we set out to seek real prayer partners.

Towards the end of October we packed up and drove West for the last time before going to Europe. We rented a small house in Herbert, Sask. and from there I visited assemblies in Sask. and Alta. I was in Edmonton for a month of evangelistic meetings, while staying with a family that would later move to Belgium and become our first co-workers. We also visited Vancouver, BC and stayed in an apartment that was especially for missionaries. The girls had a great time there and I visited quite a number of assemblies in and around Vancouver. Everywhere people promised to pray for us and for our future work in Europe. During April 1970, after having said goodbye to Marina’s family, we returned to Drayton, ON and to WBC to prepare for our moving overseas……! (Go to Musings)

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.61

Standard

Nr.60 eindigde met: “En we voelden aan dat de Heer ons naar Europa zond om precies dat te doen. Wat een uitdaging! Zou dat echt kunnen gebeuren? Ik was er niet zo zeker van toen we eerst in België begonnen……!” (Zie: richardandmarina.net)

Meer hierover later. Maar nu, met welke zendingsorganisatie te gaan? We hadden hier veel voor gebeden, maar hadden geen leiding gekregen. We ontdekten dat de Open Broeder Gemeenten zo’n 1500 zendelingen over de gehele wereld hadden, zonder een zendingsorganisatie. Wat ze wel hadden waren Dienstverlenende Comités. Zo is er bijvoorbeeld in Toronto de Missionary Service Committee (MSC) en in de VS, Christian Missions in Many Lands (CMML). Deze Comités dienen de zendelingen en de gemeenten. Zij zijn erkend door de regering en kunnen belastingaftrekbare ontvangstbewijzen uitgeven. Zij hebben geen gezag over de zendelingen, daar zij geloven dat de zendelingen hun leiding rechtstreeks van de Heer moeten ontvangen. Wij kregen de overtuiging dat dit Gods weg was voor ons, onder Zijn leiding, zonder menselijke organisatie. Later in België zou blijken hoe belangrijk deze beslissing was geweest. We wisten nu hoe we moesten gaan, maar we hadden nood aan drie dingen: 1. Een sterke thuisgemeente. 2. De juiste medewerkers en 3. Veel biddende mensen. De Heer had ons al naar een geweldige gemeente geleid die ons geestelijk thuis geworden was. We bleven bidden dat de Heer zou voorzien in de juiste medewerkers en we begonnen te zoeken naar echte gebedspartners.

Tegen eind oktober reden we voor de laatste keer naar het Westen. We huurden een klein huis in Herbert, Sask. En van daaruit bezocht ik gemeenten in Sask. en Alberta. Ik hield een maand lang evangelisatiesamenkomsten in Edmonton, Alta. terwijl ik logeerde bij een familie die later naar België zou verhuizen en onze eerste medewerkers zouden worden. We bezochten ook Vancouver, BC en logeerden daar in een appartement dat speciaal voor zendelingen was ingericht. Onze meisjes hadden een heel fine tijd daar, terwijl ik een heel aantal gemeenten in en rond Vancouver bezocht. Overal beloofden mensen voor ons en ons toekomstige werk in Europa te bidden. In april, na afscheid genomen te hebben van Marina’s familie, reden we terug naar Drayton, ON en WBC om ons voor te bereiden op ons vertrek naar Europa…….! (Ga naar Overpeinzingen)

 

MUSINGS OF AN “OLDER” MAN. Nr.60

Standard

Nr.59 ended with: “Yet at the same I was not satisfied with what was happening and something was bothering me……!” (See: richardandmarina.net)

Up till now I had mainly been involved in evangelistic meetings and home Bible studies and a number of people had become Christians. When the meetings were finished I would move on to another place, leaving the responsibility of teaching these young Christians to others. But Jesus had said that we were to make disciples, so not just Christians, but true followers of Him. And then that verse in the gospel of Matthew that burned into my heart, Jesus said, “I will build my church and the gates of hell shall not prevail against it” ch.16:18b. When asked why Jesus came to earth, most people will answer, “To show us God’s love” or “To reveal God to us” or “To die for our sins” and so on. These are all true, but in Matthew Jesus says that He came to “Build his church.” What did He mean with that?

In the Old Testament God used the Jewish people as His instrument. He revealed Himself to them and they were responsible to pass that revelation on to the world. But they failed and God set them aside, at least for the time being. Then Jesus came as God’s revelation and He was the perfect revelation, He could truly say, “He who has seen Me, has seen the Father” John 14:9b. He then went to the cross and paid our debt, so as to be able to forgive us, and He rose again so as to be able to give us new life. All those who receive Him, John 1:12, are now children of God and together form the (universal) church, which is now God’s instrument. This universal church consists out of millions of local churches all over the world. We came to realize that God wanted us not just to evangelize, but to build or plant local churches, which would be God’s instruments in this sick world. What a challenge! And we became aware of the fact that God was sending us to Europe to do exactly that. Would that really happen? I wasn’t so sure of that the first while that we were in Belgium……! (See: Musings)

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.60

Standard

Nr.59 eindigde met: “Tegelijkertijd was ik niet tevreden en er knaagde iets aan mij…..!” (Zie: richardandmarina.net)

Tot nu toe was ik voornamelijk actief met evangelisatiesamenkomsten en Bijbelstudies, waardoor mensen Christenen werden. Na afloop vertrok ik dan naar een andere plaats terwijl ik de verantwoordelijkheid voor het onderwijzen van deze jonge christenen aan anderen overliet. Maar Jezus had gezegd dat we discipelen moesten maken, echte volgelingen van Hem, en niet alleen maar christenen. En toen vond ik dat vers in Mattheüs dat mij zo raakte. Jezus zei daar, “Ik zal mijn gemeente bouwen en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen” hfdst.16:18b. Als ik mensen vraag waarom Jezus op aarde gekomen is, antwoorden ze meestal met, “Om ons Gods liefde te tonen”, of “Om God aan ons te openbaren”, of  “Om voor onze zonden te sterven”, enz. En dat is allemaal juist, maar in Mattheüs zei Hij dat Hij “Zijn gemeente zou bouwen.” Wat bedoelde Hij daarmee?

In het Oude Testament gebruikte God het Joodse volk als zijn instrument. Hij openbaarde zich aan hen en zij waren verantwoordelijk om die openbaring door te geven aan de volkeren om hen heen. Maar zij hebben gefaald en God heeft hen opzij gezet, tenminste voor het ogenblik. Toen kwam Jezus als Gods openbaring en Hij was de volmaakte openbaring van God. Hij kon werkelijk zeggen, “Hij die Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien.” Joh.14:9b. Hij stierf aan het kruis en betaalde onze schuld waardoor Hij ons nu vergeving kan schenken. Hij stond op uit de dood en kan ons nu nieuw leven geven. Aan allen die Hem aangenomen hebben geeft Hij het recht om kinderen Gods te zijn, Joh.1:12, en zij vormen nu de wereldwijde gemeente van God, die nu Gods instrument is. Deze universele gemeente bestaat uit miljoenen plaatselijke gemeenten over de gehele wereld. Wij begonnen te beseffen dat de Heer niet alleen wilde dat wij evangeliseerden, maar dat wij plaatselijke gemeenten dienden te stichten die Gods instrumenten in een zieke en zondige wereld zouden zijn. En we voelden aan dat de Heer ons naar Europa zond om precies dat te doen. Wat een uitdaging! Zou dat echt kunnen gebeuren? Ik was er niet zo zeker van toen we eerst in België begonnen……! (Zie: Overpeinzingen)

MUSINGS OF AN “OLDER” MAN. Nr.59

Standard

Nr.58 ended with: “The next Sunday we planned to tell the congregation about this, but driving to church that Sunday morning we had a car accident……!”

After a long dry period, it had rained that morning. There must have been some oil or something else that had made the road slippery, for all at once as I was passing a car ahead of us, our car swerved around and slid backwards into a shallow ditch ending up against a farmer’s wire fence. It was an absolute miracle that we had not hit another vehicle or horse and buggy as we were in Mennonite country with lots of buggy’s on the road. And there were cars going both ways, yet we missed them all and no one was hurt. We got out of the car and saw that a back tire had blown and was flat, that had made us swerve. The car was not damaged except for scratches from the fence. People helped us push the car back on the road; we changed tires and went on to church, where I requested to sing the hymn, “A thousand, a thousand thanksgivings.” Strange that this happened on the morning that we were going to announce our plans to go as missionaries to Europe. Was it another attempt of the enemy to try to stop us? The Bible teaches that we are in a spiritual battle, even as the Lord Jesus Himself was attacked by Satan before He began His ministry.

I had been holding evangelistic meetings in different places, including the, if I may say so, “famous Moorefield meetings” with hundreds of people attending. Even now, more than 40 years later I still meet people who talk about these meetings. Children also came along and Marina would take them aside in a separate room and play her accordion, sing with them and teach them Bible stories. A number of people and children accepted the Lord and quite a number received assurance of salvation, it was a great time of blessing and a moving of the Holy Spirit, a foretaste of what later would happen in Belgium. Yet at the same I was not satisfied with what was happening and something was bothering me……! (See: Musings)

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.59

Standard

Nr.58 eindigde met: “Marina en ik beslisten om dit de volgende zondag aan de gehele gemeente bekend te maken, maar toen we die zondag naar de kerk reden hadden we een auto ongeluk..…!”

Na een lange droge periode, had het die morgen geregend. Er moet olie of iets anders de weg glad gemaakt hebben, want plots terwijl ik een andere auto inhaalde, begon onze auto te zwenken en draaide volledig op de weg om en vloog toen achterwaarts een ondiepe sloot in, eindigende tegen de omheining van een weiland. Het was een absoluut wonder dat we geen andere auto, of paard en wagentje geraakt hadden, want we bevonden ons in een Mennonieten streek met veel wagentjes op de weg, plus auto’s in beide richtingen. Niemand geraakt en niemand gewond, hoe was het mogelijk? Uit de auto gestapt zagen we dat een achterband geklapt was. Dat had onze auto doen zwenken. Geen echte beschadigingen behalve wat krassen van de omheining. Mensen hielpen ons de auto terug op de weg te duwen en na de banden verwisseld te hebben reden we door naar onze kerk, waar ik vroeg om het lied “A thousand, a thousand thanksgivings” te zingen. Wonderlijk dat dit gebeurde op de dag dat wij aan de gemeente gingen meedelen dat wij als zendelingen naar Europa gingen. Was het een nieuwe poging van de vijand om ons tegen te houden? De Bijbel zegt dat we in een geestelijke strijd verwikkeld zijn. Zelfs de Heer Jezus werd door Satan aangevallen voordat Hij zijn dienst begon.

Ik had evangelisatiesamenkomsten gehouden in verschillende plaatsen, waaronder de, als ik het zo zeggen mag, “fameuze Moorefield samenkomsten” waar honderden mensen naar toe kwamen. Zelfs nu, na meer dan 40 jaar kom ik nog mensen tegen die over die samenkomsten spreken. Er kwamen ook heel wat kinderen en in een aparte zaal gebruikte Marina haar accordeon om met de kinderen te zingen en hen Bijbelse verhalen te leren. Een aantal mensen en kinderen namen de Heer Jezus aan en velen ontvingen ook heilszekerheid. Het was een echt gezegende tijd en we ervoeren de werking van Gods Geest, een klein voorproefje van wat er later in België zou gebeuren. Tegelijkertijd was ik niet tevreden en er knaagde iets aan mij…..!  (Zie: Overpeinzingen)

MUSINGS OF AN “OLDER” MAN. Nr.58

Standard

Nr.57 ended with: “But after four weeks we returned to Canada a bit discouraged as nothing had opened up. We were starting to wonder whether we were on the right track……..!”

After returning home and enjoying being together with our little girls again, Marina and I began to pray like never before. We were so sure we were to go to Europe and yet nothing had opened up, had we been so wrong? We had worked with the Native people in northern Sask. and wondered now whether the Lord wanted us there. So several times a day Marina and I would kneel down at our couch and pray asking the Lord for directions.

On a Thursday evening, after coming home from a meeting I said to Marina, “We can’t go on like this; we need to know what to do.” So I took a sheet of paper and drew a line in the middle from top to bottom and started to list on the left side reasons for staying in Canada and on the right side why we should go to Europe. When I was finished I had 3 points in the left column and 23 in the right. I looked at Marina and said, “What are we praying for, look at this, it is as clear as can be.” The final decision was made; we were now going to start working towards leaving for Europe.

I then asked for a meeting with the elders of WBC. Marina and I had decided that if one of them was not in agreement with us going, that we would not go, but wait for further directions. When I met with the elders and told about our desire and decision, some of them smiled. For a moment I thought they were laughing with me. They must have noticed the look on my face and explained that they smiled because they had been waiting for us to come to them, as they had felt for quite some time already that we were to go to Europe. And they were all in agreement! Praise the Lord. The next Sunday we planned to tell the congregation about this, but driving to church that Sunday morning we had a car accident……! (Go to Musings)

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.58

Standard

Nr.57 eindigde met: “Maar na vier weken vlogen wij terug naar Canada, een beetje ontmoedigd omdat er niets gebeurd was. Wij begonnen ons af te vragen of we wel op het juiste pad waren…!”

Na onze thuiskomst en de blijde hereniging met onze dochtertjes, begonnen Marina en ik te bidden als nooit tevoren. We waren zo zeker dat we naar Europa moesten, maar er was geen open deur gevonden. Hadden we het zo mis? We hadden met de Aboriginals in noord Saskatchewan gewerkt en vroegen ons nu af of de Heer ons misschien daar wilde hebben. En zo knielden Marina en ik enkele malen per dag bij onze sofa en vroegen de Heer om leiding.

Op een zekere donderdagavond kwam ik thuis van een samenkomst en zei tegen Marina dat we zo niet langer verder konden. Ik nam een vel papier, trok er in het midden een lijn op van boven naar onder, waarna ik aan de linkerkant een lijst begon te maken van redenen waarom we in Canada zouden blijven werken, en aan de rechterkant waarom we naar Europa zouden gaan. Toen ik klaar was, waren er 3 redenen aan de linkerkant en 23 aan de rechterkant. Ik keek naar Marina en zei, “Waar bidden we eigenlijk nog voor, het is zo overduidelijk.” En zo werd de uiteindelijke beslissing genomen en begonnen we ons voor te bereiden om naar Europa te gaan.

Ik nam kontact op met de oudsten van WBC en vroeg of ik met hen kon samenkomen. Wij hadden besloten dat als één van de oudsten er tegen was, wij zouden wachten. Toen ik met hen samenkwam en hen vertelde van ons verlangen en onze beslissing, begonnen enkelen van hen te glimlachen. Ik vroeg mij af of ze met mij zaten te lachen. Toen zij de verwonderde uitdrukking op mijn gezicht zagen, legden zij uit dat zij glimlachten omdat zij al op ons hadden zitten wachten, daar zij eenstemmig al enige tijd overtuigd waren dat wij naar Europa moesten. Prijs de Heer. Marina en ik beslisten om dit de volgende zondag aan de gehele gemeente bekend te maken, maar toen we die zondag naar de kerk reden hadden we een auto ongeluk……! (Ga naar Overpeinzingen)

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.57

Standard

Nr.56 eindigde met: “We ontvingen genoeg om van te leven, maar hadden niets extra en toen onze drie meisjes vroegen voor driewielertjes hebben we dat in gebed bij de Heer gebracht. Enkele dagen later kregen we telefoon……..!”

Ik nam op en een vrouwenstem vroeg hoe het met ons ging en of wij ook een driewielertje konden gebruiken. Zeer verrast antwoordde ik, “ja, ik denk van wel!” Zij vroeg om bij haar te komen. Daar aangekomen nam zij mij mee naar de garage en tot mijn grote verbazing stonden daar drie tweedehandse driewielertjes, ongelooflijk! Ik vroeg hoeveel zij kosten, en zei antwoordde “niets.” Ik nam ze mee naar huis en zonder ze onze dochtertjes te tonen kocht ik eerst wat verf en na ze schoongemaakt te hebben, verfde ik ze en zagen ze er uit als nieuw. Je had onze meisjes moeten zien, wat een opwinding! Na samen de Heer gedankt te hebben sprongen ze erop en daar gingen ze, ons achterlatende met tranen in de ogen. Opnieuw hadden we ervaren dat God zelfs geïnteresseerd is in de kleine dingen van ons leven. Wat een wonderlijke hemelse Vader hebben wij toch!

Terwijl wij doorgingen met onze dienst voor de Heer in die streek, door het houden van evangelisatiesamenkomsten, huis-Bijbelstudies, sommigen met in de buurt wonende Nederlanders, prediken in gemeenten, enz, bleef de last op ons hart voor Europa groeien. Op iedere bidstond bij WBC bleven wij gebed vragen voor Europa. Uiteindelijk besloten wij een reis te maken naar Nederland om “het land te verkennen” en te zien of de Heer ergens een open deur zou geven. Goede vrienden boden aan voor onze dochtertjes te zorgen, waarna Marina en ik naar het land dat ik meer dan 12 jaar geleden verlaten had te vliegen. Het was geweldig mijn familie na al die tijd weer te zien en hen Marina te laten ontmoeten. Mijn jongere broer en zijn vrouw hadden een Volkswagen Kever en reden met ons door heel Nederland, naar familie, gemeenten en speciale samenkomsten, terwijl wij voordurend aan het bidden waren dat de Heer een deur voor ons zou openen. Maar na vier weken vlogen wij terug naar Canada, een beetje ontmoedigd omdat er niets gebeurd was. Wij begonnen ons af te vragen of we wel op het juiste pad waren…….! (Ga naar Overpeinzingen)