OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.112

Standard

Nr.111 eindigde met: “Maar voor de rest, waar moest al het geld van komen voor dit alles……..?(Zie richardandmarina.net).

Ja, nu terugkijkende, vraag ik me nog steeds af, van waar kwam al dat geld? Omdat we met vrijwilligers werkten moesten zij niet betaald worden, wel maakten wij maaltijden en koffie, en hadden extraatjes voor hen. Maar al het materiaal, cement, verf voor binnen en buiten, plafond materiaal, elektrisch materiaal, waterleiding en riool materiaal, enz. enz. moest allemaal gekocht worden. Maar de financiën kwamen binnen, een deel van de jonge gelovigen, een deel van onze medewerkers, maar het meeste kwam uit Canada, onze steun ging geweldig omhoog zonder dat wij om fondsen vroegen, echt verbazingwekkend en een duidelijk bewijs dat dit het werk van de Heer was, we geven Hem dan ook alle eer!

’s Zondagmorgens reden Marine en ik met onze dochters naar Beerse voor de ochtend dienst, ongeveer 45 minuten rijden. We hadden eerst een opening met zang en aankondigingen, waarna de kinderen naar hun zondagschool klasjes gingen. Marina was hier verantwoordelijk voor omdat Marjorie de Nederlandse taal nog niet kende, maar wel meehielp. De volwassenen hielden dan Avondmaal met een boodschap er na. Daarna reden wij naar huis om dingen klaar te zetten voor de Bijbelstudie in onze woonkamer ’s avonds. Na enige tijd begonnen we ook met één keer op de maand ‘s avonds Avondmaal te vieren zoals in Beerse.

Op de eerste avond dat we zo samenkwamen was er een dokter uit Peer aanwezig, een fijne Katholieke man, maar niet een wedergeboren christen. Ik zal hem Phillip noemen, en zijn vrouw die niet aanwezig kon zijn omdat ze hoogzwanger was, Ingrid. Omdat ik wist dat hij nog geen echt kind van God was, legde ik de betekenis van het Avondmaal heel goed uit en ook wie er kon deelnemen. Phillip begreep het en liet het brood en de beker voorbij gaan. Ik had Phillip en Ingrid enige tijd daarvoor in de herfst van 1974 ontmoet bij Martin en Lydie Symons, onze toekomstige voltijdse werkers, thuis. Martin had bij hen aangedrongen om eens met mij samen te komen, maar zij waren nogal terughoudend. Nu echter waren ze bereid voor een ontmoeting, maar ze brachten wel twee Katholieke priesters mee…………! (Ga naar Overpeinzingen).

 

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.111

Standard

Nr.110 eindigde met: “Maar nu konden we niet ophouden de Heer te danken dat Hij ons hier gezonden had en dat we deel mochten hebben aan dit wonderlijke werk, en dit was nog maar het begin…….!(Zie richardandmarina.net).

We schrijven 1975 en zijn nu verhuisd van de molen in Beerse naar ons huis in Koersel, in de provincie Limburg in oost België. Er naast is nog een provincie Limburg, maar dat is Nederland. Ik ging daar in de stad Heerlen naar de middelbare school en ben ook van daar in 1958 geëmigreerd naar Canada. Dus zijn we nu hier en er hangt opwinding in de lucht en wel om vier redenen: 1. Meer en meer mensen komen tot de Heer, vooral in Limburg, terwijl de Bijbelstudies blijven groeien. 2. Er wordt hard gewerkt aan de grote zaal van de molen in Beerse, maar het zal nog wel een tijdje duren voordat het klaar is voor al de doopdiensten die daar gehouden gaan worden. Herinnert u zich de woorden nog, “Het zal er gonzen van mensen”? (Zie nr.96) 3. De verbazende voorzieningen van de Heer voor het werk aan de molen. 4. Twee zending echtparen komen er bij, Martin en Marjorie Luesink in Beerse, en Henk en Beryl Gelling die in juni bij ons in Limburg gaan komen wonen.

Gezien we nu in Koersel woonden kon ik meer aandacht geven aan de jonge gelovigen en de Bijbelstudies daar. Maar ik bleef ook enkele malen per week naar Beerse gaan voor Bijbelstudies en om mee te helpen met het werk aan de molen. Vooral de zaterdagen waren druk, omdat een aantal jonge gelovigen kwam meehelpen met de renovaties. De grote zaal was gebruikt als kippenhok, dus je kunt je wel voorstellen hoe het er uit zag! Voordat we een nieuwe cement vloer konden leggen, moesten we waterleidingen, afvoerpijpen, rioolpijpen en wc’s aanleggen. De muren moesten bewerkt en geschilderd worden, en het plafond volledig vernieuwd. Dan ook nieuwe verlichting in het plafond en een heel aantal andere dingen, teveel om op te noemen. Er werd een groot doopvond gemaakt met stenen die onze huisbaas, die een steen fabriek had, ons gratis schonk, waarvoor we heel dankbaar waren. Maar voor de rest, waar zou al het geld van komen voor dit alles……..? (Ga naar Overpeinzingen).

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.110

Standard

Nr.109 eindigde met: “Spoedig zouden we in Limburg wonen, vertrouwend op de Heer voor de start van onze derde gemeente……!” (Zie richardandmarina.net).

Ja, een derde gemeente en we waren nog maar drie jaar in België. Het ging goed met de gemeente in Antwerpen en ook de veel kleinere gemeente in Beerse kende vooruitgang. We waren ons bewust van de werking van Gods Geest. Wij deden geen speciale evangelisatie, zoals van deur to deur gaan of het houden van campagnes. Ik begon een aan huis Bijbelstudie met een kleine groep. De mensen waren totaal onwetend wat de Bijbel betrof, daar ze er nog nooit een gehad hadden, en ze waren zo verbaasd over wat ze vonden. Ze keken mij aan met grote ogen, en soms met open mond (:-) terwijl ik hen vertelde dat ik zeker was dat ik naar de hemel zou gaan moest ik komen te sterven. Nog nooit hadden ze iemand dat horen zeggen. En natuurlijk kwamen ze dan met vragen zoals, “bent u dan beter dan wij?” Of, “hebt u al zoveel goede werken gedaan?”

Wat een vreugde om dan het evangelie te mogen uitleggen, hen te vertellen dat ik geen haar beter was dan zij, en dat ik net zo’n grote zondaar was als zij, maar dat Jezus gestorven was en mijn schuld betaald had op het kruis, terwijl Hij uitriep, “Het is volbracht,” het is betaald. En dat God zegt dat als we onze zonden erkennen en ons naar Hem keren en aanvaarden wat Jezus gedaan heeft, we behouden worden. Opnieuw die vreugde door de verraste uitdrukking op hun gezicht te zien, ze konden dit bijna niet geloven, toch deden sommigen dat tamelijk snel en ondervonden de wedergeboorte en natuurlijk, konden daar dan niet over zwijgen. Hun handel en wandel veranderden zozeer dat het de aandacht van anderen trok, die nieuwsgierig geworden, soms mee kwamen naar de studie. Het was zulk een wondermooie ervaring het werk van Gods Geest te mogen meemaken. Eigenlijk hadden wij niet naar België willen komen. Marina wou naar Afrika en ik wilde niet terug naar dat dichtbevolkte Europa. Maar nu konden we niet ophouden de Heer te danken dat Hij ons hier gezonden had en dat we deel mochten hebben aan dit wonderlijke werk, en dit was nog maar het begin…….! (Ga naar Overpeinzingen).

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.109

Standard

Nr.108 eindigde met: “En nu, vol verwachting zagen we uit naar wat de Heer zijn verdere plannen voor ons waren……!” (Zie richardandmarina.net).

Voordat we Canada verlieten hadden we nog één belangrijk bezoek afgelegd bij Henk en Beryl Gelling in Clinton. Begin 1974 hadden zij ons bezocht in Antwerpen en we hadden toen samen gebeden en gesproken over de mogelijkheid om met ons te komen samenwerken. Maar toen ze terug op hun boerderij waren kwamen de twijfels en begonnen ze zich af te vragen of ze wel echt gebruikt konden worden in België en, of dit wel echt Gods wil voor hen was? Beryl voelde aan dat ze gaan moesten, maar Henk bleef twijfelen. Toen we hen bezochten hadden we een goed gesprek en in Henk zijn eigen woorden, “je zei me serieus te worden met God.” Na er over gepraat en gebeden te hebben besloten ze om in de zomer van 1975 naar België te komen, als de Heer hen zo bleef leiden. En zo gebeurde het, meer hierover later.

Han en Heleen Stolk, een jong Nederlands echtpaar, verbleven bij onze kinderen terwijl wij in Canada waren. Heleen had geholpen met de organisatie van het eerste jeugdweekeind op de boerderij van mijn oom en tante in het oosten van Nederland, nadat wij uit Canada waren gekomen. Zij was ook geweldig betrokken bij al de volgende jeugdweekeinden en zij woonde ook bij ons in Antwerpen voor enkele maanden begin 1974. Zij ging dikwijls mee naar Beerse om op een jongetje te passen van een alleenstaande moeder die de Bijbelstudies wou bijwonen. Spoedig werd deze jonge vrouw een echt kind van God. Han en Heleen zijn die zomer getrouwd, ik heb zelfs hun trouwdienst geleid.

Nadat wij terugkeerden van ons kort verblijf in Canada, ging ik verder met de Bijbelstudies in Beerse en Limburg, waar er voordurend mensen tot geloof kwamen en de nood aan een nieuwe gemeente dringend werd. Als ik naar Limburg ging vertrok ik dikwijls al vroeger op de dag om in het huis dat we in Koersel gehuurd had te werken. Iedere kamer moest geschilderd en behangen worden, en had nieuwe bevloering nodig. Er was veel werk, maar ik kreeg hulp van enkele jonge christenen. Spoedig zouden we in Limburg wonen, vertrouwend op de Heer voor de start van onze derde gemeente……! (Ga naar Overpeinzingen).

 

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.108

Standard

Nr.107 eindigde met: “Maar wat nu, we waren nog maar net aan onze reis begonnen en hadden geen auto meer…….?!” (Zie richardandmarina.net).

Ollie Shantz belde ons na de samenkomst en vertelde dat hij een andere auto voor ons had en dat hij de nacht door zou rijden om de volgende morgen bij ons te zijn. De volgende dag namen we mijn kunstgebit om gerepareerd te worden en kort nadat we thuis waren, arriveerde Ollie met een gloed nieuwe Ford Crown Victoria; toen hij die afhaalde zat er nog maar 10 km op, het was een pracht wagen! Nadat we koffie gedronken hadden brachten we Ollie naar het vliegveld van waar hij diezelfde morgen nog terug vloog naar huis, wat een dierbare broeder! Na de middag haalden we mijn gebit op en starten we onze reis verder West. Die avond moest ik spreken in een kerk in Thunderbay, op ongeveer 700 km, maar omdat we wisten dat we er niet op tijd zouden kunnen zijn, hadden we de avond voordien gebeld en afgezegd. De avond daarop moest ik in Winnipeg, provincie Manitoba, spreken, op ongeveer 1300 km, Thunderbay was iets over halfweg.

We reden die dag zover mogelijk, hadden een korte nacht in een motel en toen verder naar Winnipeg waar we een geweldige samenkomst hadden. Wat een vreugde de mensen daar te mogen vertellen over wat de Heer aan het doen was in België. De volgende dag reden we bijna 800 km naar Marina’s ouders in de provincie Saskatchewan, het was geweldig hen na 3½ jaar terug te zien. We verbleven een korte tijd bij hen terwijl wij familie en vrienden bezochten. Ook sprak ik in samenkomsten in Regina, Saskatoon en Moose Jaw, en ook in Edmonton, Red Deer en Calgary in de provincie Alberta. Wat een zegen om zoveel mensen te ontmoeten die regelmatig voor ons baden, zo bemoedigend! Toen terug naar Marina’s ouders en enkele dagen later naar Ontario, bijna 3.000 km door de VS, aangezien het sneller was. Na een laatst contact met onze thuisgemeente en vrienden daar, vlogen we terug naar België, blij om weer thuis te zijn bij onze kinderen, die ook zo blij waren ons weer te zien. En nu, vol verwachting zagen we uit  naar wat de Heer zijn verdere plannen voor ons waren……! (Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.107

Standard

Nr.106 eindigde met: “Maar terwijl wij de stad naderden met een snelheid van zo’n 80 km per uur, kwam er plots een auto uit een zijweg, die een stopteken negeerde en er was een geweldige klap…….!” (Zie richardandmarina.net).

Omdat de zijweg niet echt zichtbaar was, zagen we de auto niet komen to hij bijna voor ons was. Ik sprong op de rem op het ogenblik dat we tegen hem aanklapten. We raakten hem in het midden en hij rolde verschillende malen over en kwam toen aan de overkant op de zijkant in de struiken terecht. We zaten daar een beetje versuft op het midden van de weg, totaal verrast door dit gebeuren, maar het meest verwonderd dat we niet echt gewond waren. Marina had helemaal niets, terwijl ik alleen maar mijn bovengebit gebroken had door met mijn mond tegen het stuur te slaan en hetzelfde met de linkerkant van mijn borst die later wat blauwe plekken vertoonde. Niets gebroken, het was echt verbazingwekkend. De politieagenten schudden hun hoofd in ongeloof. Stelt u voor, tegen een auto aanrijden met die snelheid, zonder veiligheidsgordels die toen nog niet in gebruik waren in de meeste auto’s. Marina had tegen het dashboard geworpen moeten zijn, maar dat was niet gebeurd, echt onverklaarbaar. Was er een engel tussen haar en het dashboard?

Er was nogal tijd nodig om de jonge man, de enige in die auto te bevrijden en hij was heel ernstig gewond en lange tijd in het ziekenhuis. We zijn nooit te weten gekomen waarom hij met zulk een snelheid dat stopteken genegeerd heeft. De politie belde de mensen bij wie wij die nacht zouden verblijven en zij kwamen ons halen. Onze auto was een totaal wrak en volledig afgeschreven. Ik belde Ollie Shantz, één van de twee mannen die onze auto gehuurd hadden, de andere was Edgar Martin, en vertelde hem wat er gebeurd was. Ik lijmde de twee stukken van mijn gebit aan elkaar en kon hem in mijn mond houden. Ik predikte toch die avond, maar door een barst tussen mijn voortanden werd de binnenkant van mijn bovenlip daar soms tussen geknepen, wat nogal pijnlijk was, maar de Heer hielp mij en wij hadden een fantastische samenkomst. Maar wat nu, we waren nog maar net aan onze reis begonnen en hadden geen auto meer…….?! (Ga naar Overpeinzingen)

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.106

Standard

Nr.105 eindigde met: “Het was perfect; we hadden eigenlijk niets beters kunnen vinden. Maar toen kregen we te horen wie de eigenaar was met wie we moesten gaan onderhandelen……!” (Zie richardandmarina.net).

Tot onze verbazing werd ons verteld dat de eigenaar een prostituee was in Antwerpen die de “Blue Room” uitbaatte. Ik moest haar opzoeken, maar ik wilde niet alleen gaan; stel u voor dat een jonge christen me daar zou hebben gezien! J, dus ging mijn medewerker mee. We hadden een heel vriendelijk gesprek en er was geen probleem met het huren van haar huis. Zij beloofde zelfs om naar de officiële opening van het gebouw te komen, wat ze ook deed enige maanden later. Ze bracht één van “haar mannen” mee en ook een mooie grote plant als geschenk. Ik loop nu even iets vooruit. We hadden een geweldige openingsdienst waar ik het evangelie klaar en duidelijk predikte. Iemand die in de rij voor haar zat hoorde de man tegen haar zeggen, “Nogal wat anders hé, van een hoerenkot naar een kerk.” Haar broer woonde dicht bij, en we konden altijd bij hem terecht, we hadden een goede relatie met hem.

We zochten de Heer voor Zijn leiding en besloten begin januari, gedurende de kerstvakantie te verhuizen. Mijn goede vriend, Martin Luesink en zijn vrouw Marjorie werkten met OM in België. Na veel gebed besloten zij om in de molen in Beerse te komen wonen en ons werk daar over te nemen. Marina en ik beseften dat als we eenmaal in Koersel woonden, het wat moeilijk zou zijn om op verlof naar Canada te gaan. Daarom besloten we een 5 weken vliegende reis te maken naar ons thuisland om onze gemeente en andere gemeenten en vrienden die ons gesteund hadden te bezoeken, plus natuurlijk Marina’s familie. Eerst hadden we een aantal samenkomsten in zuidelijk Ontario. Twee fijne broeders van onze gemeente huurden een auto voor ons waarmee we naar het Westen reden, onderweg stoppende in verschillende plaatsen voor samenkomsten. De eerste stad was Sault Ste Marie, op zo’n 740 km. Een samenkomst was gepland voor die avond. Maar terwijl wij de stad naderden met een snelheid van zo’n 80 km per uur, kwam er plots een auto uit een zijweg, die een stopteken negeerde en er was een geweldige klap…….! (Ga naar Overpeinzingen).

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.105

Standard

Nr.104 eindigde met: “Enige tijd later kregen we telefoon…..!” (Zie richardandmarina.net).

Onze drie dochters gingen op hun fietsen, die we hen gekocht hadden en waar ze zo blij mee waren, naar een Katholieke school in Beerse. De onderwijzeressen waren nonnen. Onze jongste, Rini die zes was kwam op een dag een beetje van streek thuis omdat de non haar gezegd had dat baby’tjes gedoopt moesten worden, en zij was dat niet. Ik zei, “Neem je Bijbel mee naar school en vraag je juffrouw je te tonen waar er staat in de Bijbel dat kindjes gedoopt moeten worden.” Ze kwam die dag thuis met een glimlach op haar gezicht, “De non kon het niet vinden in de Bijbel.” Enige tijd later vertelde ze ons dat de non had gezegd dat kinderen van 6 jaar hun eerste communie moeten doen. Ik moedigde haar opnieuw aan haar Bijbel mee te nemen. Toen ze thuiskwam vroeg ik haar wat de juffrouw gezegd had en opnieuw antwoordde ze dat de non het niet in de Bijbel had kunnen vinden. Het was een goede les voor onze dochter.

Toen kregen we telefoon. Het was Leen van Limburg, de vrouw die de Heer Jezus had aangenomen de eerste avond dat ik met haar, haar man en een bevriend koppel was samen geweest. Zij en enkele anderen waren op de hoogte van onze gedachten ivm een mogelijke verhuizing naar Limburg, en nu belde ze en zei, “Richard, je moet komen, we hebben een huis voor jullie gevonden.” We waren geweldig verrast, daar we tegen de Heer gezegd hadden dat Hij voor een huis moest zorgen en dat wijzelf er niet voor zouden zoeken. We reden naar Limburg en Leen nam ons mee naar Koersel, een plaats niet ver van waar zij woonde. Ze stelde ons voor aan de broer aan de eigenaar die ons het te huren huis toonde. Het was een groot hoekhuis met een zeer grote woonkamer, heel geschikt voor Bijbelstudies, en achter het huis een aangebouwde garage met daaraan een grote zaal die als naaiatelier gediend had. Het was perfect; we hadden eigenlijk niets beters kunnen vinden. Maar toen kregen we te horen wie de eigenaar was met wie we moesten gaan onderhandelen……! (Ga naar Overpeinzingen).

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.104

Standard

Nr.103 eindigde met: “Maar toen gebeurde er iets heel vreemds……!” (Zie richardandmarina.net).

Er was heel veel werk aan de molen. Twee mannen van Operatie Mobilisatie (OM) kwamen helpen. Een van hen, Martin Luesink, was mijn getuige geweest op onze huwelijksdienst. Zij herstelden het grote platte dak van de zaal, en wat een werk dat was! Twee jonge mannen uit Beerse groeven een groot gat in de zaal, voor het toekomstige doopvont, waarin later honderden en nog eens honderden mensen van uit heel Vlaams België en zelfs enkele van mijn familieleden uit Nederland gedoopt zouden worden. Het graven was zwaar werk omdat de grond zo kleiachtig was. Een jonge christen die metselaar was, is het doopvont komen metsen. En er was nog veel, veel meer werk, zowel binnen als buiten.

Ik werkte mee overdag en ’s avonds hield ik Bijbelstudies en bezocht mensen. En toen die vreemde ervaring! Op een bepaalde avond ging ik naar Limburg en terwijl ik door een bebost gedeelte reed kwam er plotseling een stem van achter mij in mijn Volkswagen busje, “Je moet weer verhuizen.” Ik schrok nog al, en of het nu een echte stem was of iets in mijn hoofd, ik ben niet zeker, ik ben heel voorzichtig met zulke dingen, maar het was wel zo echt dat ik om keek. Toen ik die avond laat thuis kwam, vertelde ik mijn vrouw hierover en zij zei dat ze die dag ook gevoeld had dat we weer verhuizen moesten. Maar dat was belachelijk, we waren nog maar pas verhuisd en nu opnieuw?

Ik argumenteerde met de Heer en vertelde Hem dat dit niet mogelijk was; maar de sterke innerlijke drang ging niet weg, maar nam eerder toe en zo ook de nood in Limburg. De Bijbelstudies daar groeiden, mensen kwamen tot geloof en een hele groep jonge gelovigen liet zich dopen in een gemeente in Brussel. Maar nu moest er eigenlijk een nieuwe gemeente gesticht worden, maar wie kon dat doen? Ik vertelde de Heer dat we heel zeker wilden zijn dat Hij het was die ons die innerlijke drang gaf, en als dit echt van Hem was, Hij ons dan ook een huis en een samenkomstplaats in Limburg moest vinden, ik zou er zelf niet voor gaan zoeken.

Enige tijd later kregen we telefoon…..! (Ga naar Overpeinzingen).

 

 

 

OVERPEINZINGEN VAN EEN “OUDERE” MAN. Nr.103

Standard

Nr.102 eindigde met: “Maar toen het feest afgelopen was en de mensen naar huis trokken gebeurde er iets heel tragisch…..!” (Zie richardandmarina.net).

Omdat de huwelijksdienst plaats vond in de molen en niet in de Katholieke Kerk, wilden de ouders en andere familieleden van de bruid niet aanwezig zijn, wat heel droevig was. Maar de ouders en de grootvader van de bruidegom waren er wel, en de grootvader vertelde ons dat hij echt van de dienst genoten had. Maar toen de ouders hem natijd naar huis reden, kwam er een auto uit een zijstraat die een stopteken negeerde en zij er hard tegen aan botsten. Door de geweldige klap vloog de grootvader van de achterbank tegen de vooruit. Alle drie werden naar het ziekenhuis gebracht waar enige tijd later deze lieve man overleed. We waren er allemaal kapot van! U kunt zich wel voorstellen dat hier veel over gesproken werd in het dorp, er waren er zelfs die zeiden dat dit Gods straf was omdat ze niet in de kerk getrouwd waren, gewoonweg belachelijk! We leden en leefden met de familie mee.

Maar het leven ging door, en zo ook onze kleine gemeente. We kwamen nu samen in het rond van de molen, op een heel eenvoudige manier. Een tafel in het midden met daarop een brood en een glas wijn. Eerst werd er een tijdje gezongen, waarna de kinderen naar de zondagsschool in ons huis gingen, terwijl de anderen door bleven gaan met het voorlezen van Schriftgedeelten, gebeden en zang, op die manier de Heer aanbiddende. Er werd geëindigd met een korte boodschap. Onderwijs werd door de week op Bijbelstudies gegeven. Het was een echte vreugde jonge gelovigen te zien deelnemen aan dit alles. Ik vraag me af of de eerste christenen ook niet op deze wijze samenkwamen. Ik weet dat in vele delen van de wereld, waar er geen godsdienstvrijheid is, Gods kinderen op zulke manier bijeenkomen, op zolders, in kelders, in bossen en andere geheime plaatsen. Wij dienen dankbaar te zijn voor, en goed gebruik te maken van onze vrijheid. Jezus zei, “Wij moeten werken de werken desgenen, die Mij gezonden heeft, zolang het dag is; er komt een nacht, waarin niemand werken kan.” Laten we deze woorden ter harte nemen!

Maar toen gebeurde er iets heel vreemds……! (Ga naar Overpeinzingen).